De zomer van 2007 komt nooit meer terug

19/11/11, 13u48

Rolf Falter ziet de politieke structuren overal in Europa instorten. Het debacle van Arco is het zoveelste symptoom dat talloze oude vormen aan het sterven zijn. De tijd van voor 2007 komt nooit meer terug, weet historicus Falter, communicatieambtenaar bij de EU en gewezen journalist.

  •  De bezinning dat wij allen de graaizucht achter de bankiers en de sociale stelsels droegen, zal er vroeg of laat komen  
Vijf dagen nog maar had de Boerenbond gemeld dat vorig jaar 8 procent van alle boeren in België ermee gestopt was. Acht procent, in één jaar! Toen schalde het ochtendnieuws dat Arco, de holding van de christelijke arbeidersbeweging, in vereffening ging. Sedertdien hebben we alleen maar faustiaanse verhalen gehoord over Dé Beweging, die meer dan wie ook het moderne Vlaanderen heeft gekneed. Verleid door het neoliberalisme dat ze openlijk bestreed, verspeelde ze de schuchtere beleggingen van de 'gewone man' (zoals men mensen als u en ik in die kringen omschrijft). Via aloude banden en de macht van het getal moet de belastingbetaler nu bijspringen. Van Aquafin over wat vastgoed in de Europese wijk en talloze huisvestingsmaatschappijen tot de CM zelve staart iedereen naar de gaten in de kas. En in de geloofwaardigheid.

Inmiddels ploetert ook Elio Di Rupo zich vast. In juli doorbrak hij, na een jaar aarzelen, met een sterke en gedurfde openingszet als formateur de impasse van de regeringsonderhandelingen. Vier tergend trage maanden later blijkt dat echter zijn ultiem bod te zijn. Hij pendelt rond met een lange lijst van kleine maatregelen en grote belastingen die nauwelijks open te breken valt door de vijf andere spelers rond de tafel. De formateur ziet er plots veel ouder uit dan de 60 die hij is. Hij oogt als de behoeder van de industriële welvaartsstaat anno 1950, en van een vakbond waarvan velen dachten dat die zichzelf al lang buitenspel had gezet, zoals de kerk van monseigneur Léonard.

Dit is geen kleine verandering die zich voor onze ogen voltrekt. Het is 120 jaar geleden dat 28 Waalse socialisten hun intrede deden in het parlement en dat de Boerenbond en de Volksbond de katholieke partij democratiseerden en vervlaamsten in het licht van het naderende algemeen stemrecht. Het werden de dominante krachten, de christendemocratie in Vlaanderen tot 1999, de socialisten in Franstalig België tot vandaag. PS en CVP hebben samen dit land na de Tweede Wereldoorlog vorm gegeven, als het centrale duo dat, vaak vanuit oude kastelen, de welvaartsstaat uitbouwde, de democratisering van het onderwijs doorvoerde en de staatshervormingen regelde.

Wat komt er in de plaats? De N-VA biedt zich aan als dominante kracht in Vlaanderen, maar is voorlopig maar een champignon rond een populaire chef. Ze maakt deel uit van een bredere beweging in heel Europa - ook bij de Duitse CDU of de Britse Tory's bijvoorbeeld - voor een repli sur soi, die normaal is als eerste reactie op nieuwe tijden van grote onzekerheid. Die beweging schiet graag op migranten, Europa en het cultuurestablishment, maar heeft nog geen consistent verhaal en verkiest vaak buiten regeringsverantwoordelijkheid te blijven. Politieke bewegingen en partijen leiden steeds meer een komeetachtig bestaan, als clans van een tijdelijke chef, en met maatschappelijke keuzes die bepaald worden door dubieuze opiniepeilingen.

Niet meer te onderschatten is de diepte van de maatschappelijke verandering die bezig is. De zomer van 2007 - met zijn Live Earth-concerten, met Griekenland dat het nieuws haalde met hittegolven en bosbranden, met Luciano Pavarotti die heenging en Harry Potter net niet - behoort tot een ander tijdperk. Vier jaar al zitten we in de diepste economische crisis, die inderdaad op de Grote Depressie lijkt. Ze wordt versterkt door de vergrijzing die we zo lang hadden zien aankomen en even lang genegeerd hebben. Het kan dat we naar een langdurig stagnerende samenleving evolueren, toch zeker in het oude Europa. Een Vlaamse regering die barbecues op 11 juli subsidieert, zoals tien jaar geleden met het exuberante paars, dat komt in onze levenstijd niet meer terug.

Ook ideologieën die dertig jaar fonkelden doven nu razendsnel uit. Het neoliberalisme is morsdood, als opgepepte machoversie van het vrijemarktdenken, en samen begraven met ons blind vertrouwen in de bonusbankiers. Maar ook de welvaartsstaat heeft zich vastgereden, als een op hol geslagen uitkeringsmachine die finaal armoede importeerde om zich als apparaat te voeden. Dat leverde een paar honderdduizenden bijkomende migranten op die met een bescheiden uitkering, veel sociale pampers en nog meer paternalisme werden ontvangen, zonder kans op echt werk of aangepast onderwijs, en met een integratiestructuur die we in zeven haasten aan het uitvinden zijn. De sociale uitgaven slorpen al meer dan de helft van alle overheidsinkomsten op, maar in de statistieken (en waarschijnlijk ook in het echt, maar anders dan in de statistieken) blijft de armoede fenomenaal stijgen.

Democratie op de proef gesteld
Waar leidt dit heen? Griekenland en Italië voeren een variant van de Romeinse republiek op: Eurotechnocraten - in Rome waren het dictators - nemen het voor zes maanden over van de verkozen politieke consuls. De democratie wordt zwaar op de proef gesteld. Eind de jaren dertig, tijdens de vorige Depressie, leken alle klassieke partijen, politieke structuren en - na Hitlers spectaculaire overwinning in mei 1940 - zelfs de democratie ten dode opgeschreven. Enkel het visionaire doorzettingsvermogen van Churchill en de vreselijk ruwe spons van de Tweede Wereldoorlog gaven hen de kans zich opnieuw uit te vinden, in een bescheiden democratische ruimte die eindigde aan de voet van de Pyreneeën en de oevers van de Elbe.

Staat ons iets dergelijks opnieuw te wachten? Niet noodzakelijk een oorlog, maar een grote calamiteit zoals politieke leiders die met de euro net iets te lang pokeren in het vooruitzicht van een algemene paniekbeweging op de beurzen en in de banken? Geschiedenis is helaas geen basis voor voorspellingen, wel een inspiratiebron voor mogelijke oplossingen. De vrijhandel en de sociale zekerheid maakten na 1945 de welvaartsstaat mogelijk, die met een onderbreking van tien jaar na 1973, Europa en Noord-Amerika zestig jaar lang tot ongekende rijkdom hebben gebracht. Misschien moeten we nu naar een gelijkaardige symbiose van vrijheid en gelijkheid zoeken, aangepast aan de nieuwe maatschappelijke omstandigheden.

Zover zijn we echter nog niet. Nog schreeuwen we elkaar van hoogoplopende verontwaardiging samen verder de dieperik in, omdat we vooral boos zijn dat het eindeloze feest uit is en anderen daarvoor de schuld geven. De bezinning dat wij allen de graaizucht achter de bankiers en de sociale stelsels droegen, zal er vroeg of laat komen. Dan kan het besef ontluiken dat we samen aan een nieuw begin moeten werken. Inmiddels sterven de oude vormen een na een af, de kwetsbaarste eerst. Het nieuwe blijft nog wazig in deze grijze late novemberdagen. Enkel de onzekerheid is omnipresent.
mailIcon print | Meer bookmarks |
Aan het laden...

Jouw gedachte?

De beste gedachten verschijnen in de krant

Aan het laden...
<spring:message code='commonMessages.loading' />