Pascal Paepen −
01/10/11, 11u25
Pascal Paepen is econoom bij Daiwa in Londen en bekend van het economische nieuws in Vandaag van Radio 1.
-
-
De Britse regering deelt de mening van de banken. Geen taks op financiële transacties, tenzij die wereldwijd wordt ingevoerd
Wie een beetje competitief is ingesteld, wil graag winnen. Maar er kan er maar eentje de eerste zijn. Londen is competitief en is vandaag nog steeds het grootste financiële centrum ter wereld. Dat blijkt althans uit de nieuwe halfjaarlijkse editie van het Global Financial Centres Report dat consultant Z/Yen deze week publiceerde. Londen wil die koppositie maar al te graag behouden. Maar de voorsprong van de 'winnaar' ten opzichte van het peloton (New York en Hong Kong) is aanzienlijk geslonken. Op het vlak van infrastructuur, personeel en zakelijk klimaat scoort New York momenteel al beter dan de leider. Het zakelijke klimaat in Londen zou vooral negatief zijn door de vrees voor hogere belastingen en nog meer regulering in de City.
Geen verrassing dus dat de Europese belasting op financiële transacties die José Manuel Barroso woensdag aankondigde, koel werd onthaald door de Britten. Zelfs al zou de taks uiteindelijk maar een honderdste van een procent bedragen, dan nog zou het heel wat transacties van Londen doen verhuizen naar New York.
En alhoewel niemand de gevolgen kan inschatten voor winstgevendheid en werkgelegenheid, vreest de City dat die sowieso aanzienlijk zullen zijn. Nu al zouden er duizenden van de ruim 300.000 jobs in de City verdwijnen. Vandaar dat de Britse regering de mening van de banken deelt. Geen taks op financiële transacties, tenzij die wereldwijd wordt ingevoerd.
De voordelen van hogere belastinginkomsten voor Europa en het vooruitzicht op lagere bijdrages van het Verenigd Koninkrijk aan Brussel wegen niet op tegen een mogelijk verlies voor Londen als financieel centrum.
'Trader'De Britten doen dus weer moeilijk en dat is begrijpelijk. Hun reactie is niet ingegeven door emotie, maar door centen. In het afgelopen belastingjaar bedroeg de bijdrage van de Londense financiële sector aan de Britse schatkist 53,4 miljard pond (62 miljard euro). De City leverde daarmee 11,2 procent van de totale belastinginkomsten van Groot-Brittannië. Het bedrag is veel te groot en te belangrijk om ook maar gedeeltelijk uit handen te geven.
Maar de reputatie en het leiderschap van Londen worden uiteraard niet enkel bepaald door de belastinggraad en de regulering. Het imago van een financieel centrum is nog veel meer afhankelijk van de bekwaamheid van de bankiers die er werken. Over hun professionalisme of het gebrek eraan was er deze week weer heel wat te doen, nadat de BBC ene Alessio Rastani opvoerde. De man noemde zichzelf een trader en vertelde de omroep doodleuk dat hij van een recessie droomt omdat er dan meer geld verdiend kan worden. Een vreemde redenering en wellicht ook onwaar, maar de uitspraak werd door media over de hele wereld overgenomen en versterkte de mening van de publieke opinie dat in Londen nogal wat cowboys werken die weinig geven om ethiek en algemeen belang. De man bleek uiteindelijk een 'beroepsspreker', geen zakenbankier. Een foutje van de BBC.
BestaansrechtMaar de reputatie van de City kreeg een nieuwe klap. Amper twee weken na de aankondiging van het miljardenverlies van Kweku Adoboli, wel een trader. Is het enkel spielerei of levert Londen als financieel centrum wel degelijk een bijdrage, niet enkel voor de schatkist, maar ook voor mens en maatschappij? Het wordt hoog tijd dat de City zijn bestaansrecht verduidelijkt.