01/06/11, 07u43
Felix De Clerck (27) verdedigt zijn generatiegenoten. Hij was een van de gangmakers van de SHAME-betoging die in januari 40.000 manifestanten op de been bracht. Hij legt uit hoe de dromen van zijn generatie aan diggelen werden geslagen.
Louis Tobback heeft weer van zich laten horen. Hij vindt de Spaanse en Belgische jongeren maar verwende nesten. Ze weten niet meer waar hun welvaart vandaan komt en hun engagement is maar flauw. Want, zo zegt hij, ze betogen van maandag tot vrijdag en vertrekken dan liefst op citytrip.
Omdat de heer Tobback me persoonlijk aansprak, vind ik het nodig om hem van repliek te dienen. Ik spreek in eigen naam, niet in naam van de grote Europese protestbeweging die zich momenteel aan het vormen is.
Tobback en velen met hem hebben duidelijk nog niet begrepen waar veel jongeren in Europa voor op straat komen. Ik ben zelf geen groot denker, geen filosoof of historicus, maar ontwaar wel enkele fundamentele tendensen die me vervullen met hoop.
In België was er de politieke impasse, in Engeland de verhoging van de studiegelden en in Spanje de draconische economische maatregelen die vooral grotendeels werkloze jongeren trof. Verschillende redenen om op straat te komen, maar waarin volgens mij wel een gemeenschappelijk noemer te vinden is. Het betreft een generatie die opgegroeid is in relatieve welvaart. Velen onder ons kregen de mogelijkheid om te gaan studeren, misschien zelfs een jaartje in het buitenland. We mochten kiezen wat we deden, we zijn opgegroeid met de illusie dat the sky the limit was. Het was de vrijgevochten generatie van de babyboomers die ons deze vrijheid schonk, waarvoor dank, maar er is wel een andere kant aan de medaille.
Sinds de economische crisis zijn veel van deze dromen aan diggelen geslagen. We zijn ontwaakt uit een kunstmatige coma. Zoals zovelen merk ook ik dat vorige generaties illusies gecreëerd hebben die momenteel in duigen liggen. Iedereen zegt dat we langer moeten gaan werken, flexibeler, en aan een lager loon. We moeten niet meer rekenen op een pensioen van de staat en misschien wel van geluk spreken indien het water over twintig jaar niet tot in Kortrijk komt.
Dat uitgerekend een socialist als Tobback dan niet begrijpt waarom de jongeren ontgoocheld zijn snap ik niet. Persoonlijk besef ik al een tijd dat het niet meer is zoals vroeger. Velen van mijn generatie zullen inderdaad langer moeten werken en langer moeten sparen eer ze een huisje kunnen kopen, omdat er een grens is aan het economische groeimodel. Deze uitdagingen vervullen ons niet met wanhoop, maar de recepten die momenteel aangereikt worden om dit te verwezenlijken zijn niet voldoende. Vandaar dat grote delen van de bevolking hun stem laten horen via protesten.
Een andere kritiek van Louis Tobback is dat we dan maar in de politiek moeten gaan om de verandering te bewerkstelligen. Wederom getuigt dit niet van veel inzicht in de huidige beweging. Een groot deel van de frustratie komt voort uit het huidige politieke systeem van particratie. Het is misschien beangstigend voor mensen à la Tobback, maar veel jongeren vereenzelvigen zich niet meer met standen en partijen. Ik vind die vaak te rigide. Dus ofwel zullen partijen zichzelf moeten aanpassen ofwel zullen ze steeds minder relevant worden.
Plein of parlementDe huidige beweging is naar mijn inschatting uniek omdat er geen woordvoerders of leiders zijn. Deze horizontale organisatiestructuur brengt wat chaos met zich mee, maar is heel bevorderend voor het debat dat leeft bij de actievoerders. Iedere avond is er wel ergens in dit land een volksparlement waar ideeën geventileerd worden over hoe het dan wel kan. Hoe het anders moet, daar is momenteel nog geen sluitend antwoord op, maar je ziet wel enkele grote lijnen aan de horizon. Een duurzamer economisch en sociaal model en een meer participatieve en eerlijke democratie, met name.
Ik wil meneer Tobback geruststellen. Een nieuwe politieke generatie is zich aan het vormen. Ze staat strijdvaardiger dan ooit aan de poorten van de democratie. De vele discussies die wakkere burgers momenteel onder elkaar aan het voeren zijn over het huidige systeem zullen in de toekomst hun vruchten afwerpen. Hopelijk blijft men op alle mogelijke platformen, het plein of het parlement, streven naar een nieuw model dat rechtvaardig is voor alle burgers. U zal er misschien niet meer van kunnen genieten, maar uw kleinkinderen wel. Er is hoop.