Felicitaties aan een idool

27/03/11, 08u00

Herman Brusselmans zingt de lof van Walter van den Broeck, die maandag zeventig wordt. Brusselmans is auteur. Hij publiceerde onlangs de roman 'Van drie tot zes'.

  •  Ik ben een enorme fan van Walter van den Broeck, en terecht. Hij is een van de grootste Nederlandstalige schrijvers van na de oorlog, en in m’n topvijflijstje staat hij zelfs boven Ernest Claes, Paul Mennes, Hugo Claus en Tom Lanoye  
Vraag over tien jaar aan tien mensen op straat wie Herman Brusselmans is en als er een of twee weten te stamelen: "Schrijver... Langharig... Man die werk vond... Overleden..." zal je al blij mogen zijn. De andere acht à negen zullen hun schouders ophalen en zeggen: "Ga toch in het bos schijten met die hele Herman Brusselmans."

Het is de weg van alle vlees. Als je oud bent, of dood, of allebei, of je wordt niet ieder jaar gevraagd als clown in De laatste show, dan verdwijn je uit het collectieve geheugen, net zoals het recept om pilletjespap te maken, het toestelletje om koeienstront mee te ontwormen (m'n vader, de veehandelaar, had er zo eentje) en de jurk van Barbara Dex op het Eurosongfestival, waarvan ik de exacte kleur helemaal vergeten ben.

De meeste mensen, dingen en gebeurtenissen zijn het weliswaar meer dan waard om nooit meer herinnerd te worden, maar andere dan weer niet. Soms is het een ware schande dat iets of iemand niet meer tot de dagelijkse kennis behoort van het gros der mensheid. En als die mensheid Vlaams of Nederlands is, dan zou ze zich moeten schamen dat de naam Walter van den Broeck niet binnen de halve seconde een enorme bel doet rinkelen.

Vraag aan tien mensen op straat wie Walter van den Broeck is en als er een of twee weten te stamelen: "Baard... Brief aan Boudewijn... Overleden..." zal je al blij mogen zijn. Gelukkig is Walter van den Broeck niet overleden. Integendeel, hij wordt zomaar eventjes zeventig jaar en hij is nog zo springlevend als een minderjarige haas met een nest rode mieren in z'n onderbroek. Ik bedoel maar. Ik ontmoette Walter laatst nog en niet alleen zag hij er, net zoals z'n archetypische Grote Liefde Eliane, ongelooflijk goed uit; tevens wist hij de hele zaal zodanig te entertainen dat je al van staal moest zijn om niet onder de tafels te rollen van het lachen.

Het is simpel: ik ben een enorme fan van Walter van den Broeck, en terecht. Hij is een van de grootste Nederlandstalige schrijvers van na de oorlog, en in m'n topvijflijstje staat hij zelfs boven Ernest Claes, Paul Mennes, Hugo Claus en Tom Lanoye. In m'n roman uit 1986, 'Heden ben ik nuchter', is er in de hij-vorm een hoofdpersonage, Eduard Kronenburg, maar ineens duikt daar ook een bijpersonage op dat Herman Brusselmans heet. Nogal wat recensenten, lezers, vrienden en familieleden vonden dat een heel speciale vondst, maar ik zei tegen hen allen: "Dat heb ik niet uitgevonden, dat heb ik geleend bij Walter van den Broeck."

Dat was inderdaad zo, in de roman 'Lang weekend' (1968) verschijnt na een pagina of tweehonderd een personage dat Walter van den Broeck heet, en dat onder meer z'n kleine zoontjes erop attent maakt dat ze niet mogen plassen in de doos waarin een heleboel exemplaren zitten van 'De troonopvolger', en uitgerekend dat was in 1967 de debuutroman van Walter van den Broeck.

Zulke dingen vond ik fantastisch, net zoals ik 'Lang weekend' helemaal ongelooflijk schitterend vond. In m'n topvijflijstje staat dit boek zelfs boven 'De Witte', 'Poes poes poes', 'Het Verlangen'en 'Sprakeloos'. Het is op z'n minst een van de meest komische romans die ooit geschreven zijn, en in de loop der geschiedenis heb ik tegen zeker vijfhonderd mensen gezegd: "Weet je wat jij eens moet doen in plaats van de hele tijd te zitten zuipen op café, achter de wijven aan te lopen of naar blote tetten op het internet te kijken? 'Lang weekend' van Walter van den Broeck lezen! En daarna alle andere boeken van Walter van den Broeck!"

Die goeie ouwe Walter heeft immers meer dan één meesterwerk bij elkaar gepend. 'Brief aan Boudewijn' (1980) mag dan z'n bekendste boek zijn, maar onderschat zeker niet 'De dag dat Lester Saigon kwam' (1974), 'Het leven na beklag' (1992), 'De beiaard en de dove man' (2004) en 'Terug naar Walden' (2009). Allemaal bijzonder de moeite waard. Trouwens, Van den Broeck zou voor mijn part als schrijver de eeuwigheid mogen trotseren, alleen al om z'n titels. De bestgevonden titel uit de jaren zeventig vind ik '362.880 x Jef Geys' (1970), waarbij, zoals navraag leert, dat getal 362.880 bij lange niet lukraak gekozen is.

Verfilming
Ik heb het ondertussen nog niet gehad over de verdienste van Walter van den Broeck als toneelschrijver. 'Groenten uit Balen' (1972) was een mijlpaal, en zal dat hopelijk opnieuw worden door de verfilming, maar 'Een andere Vermeer' (1974), 'Au Bouillon Belge' (1981) en 'De ronde van Vlaanderen' (1999) waren net zo goed de prijs van een theaterticket meer dan waard, en de klassieker blijft inmiddels 'De tuinman van de koning' (1986), waarin Luc Philips op een drafje de rol van z'n leven mocht spelen.

Uiteraard wil ik bij deze op de eerste plaats staan als de felicitaties aan m'n idool Walter van den Broeck worden uitgereikt en weshalve zeg ik hem thans: "Walter, je bent zeventig geworden maar je ziet er zestig uit en als je ooit negentig wordt zal je er maar tachtig uit zien. Kortom, gooi er nog maar wat jaren tegenaan." En aan alle anderen zeg ik thans: "Lees in godsnaam de boeken van Walter van den Broeck!"
mailIcon print | Meer bookmarks |

Jouw gedachte?

De beste gedachten verschijnen in de krant