04/02/11, 07u26
Mirakels bestaan niet, en dus zal het voorliggende Interprofessioneel Akkoord (IPA) vandaag niét goedgekeurd worden door de socialistische vakbond ABVV. Formeel is er geen IPA, want één van de onderhandelende partners heeft niet getekend. De drie belangrijkste betrokken centrales - bediendenbond BBTK, plus Algemene Centrale en Metaalcentrale, twee belangrijke arbeidersbastions, zeggen neen.
-
Men kan zeggen dat de doos niet vol genoeg zit, maar wie het Interprofessioneel Akkoord een lege doos noemt, is of bijziend of getuigt van kwade trouw
Dat is merkwaardig, want het IPA dat voorlag was zeker geen lege doos. Anders dan andere jaren bevatte het niet alleen een klassiek luik - globale afspraken voor loon- en arbeidsvoorwaarden in de hele privésector voor de komende twee jaar - maar ook een apart luikje 'sociale staatshervorming': stapje per stapje, naar een eenheidsstatuut.
De Metaalcentrale stemde tegen omdat het ontwerp-IPA naar de zin van voorzitter Herwig Jorissen belachelijk weinig eenheidsstatuut bevat. De BBTK stemt tegen omdat het ontwerp-IPA onverantwoord veel eenheidsstatuut bevat. Het zal uitkijken zijn morgen hoe het ABVV die twee totaal tegengestelde redenen om 'neen' te zeggen in één communiqué zal uitschrijven. Een gokje: door de schuld bij de werkgevers te leggen, die te weinig wilden toegeven. Het feit dat patronale organisaties als VBO en Unizo de tekst wél goedkeurden en iedereen oproepen om dit ook te doen, is voor sommigen een bewijs dat het geen goed akkoord kan zijn. En passant zijn er centrales die met scherp mikken op ABVV-voorzitter Rudy De Leeuw. Die wist vooraf hoe moeilijk het akkoord zou liggen bij een deel van zijn achterban, maar heeft toch geprobeerd. Hij zei wel dat hij het binnenskamers alleen zou "uitleggen", niet "verdedigen", maar hij heeft echt zijn best gedaan om uit te leggen waarom dit een goed akkoord is.
Geven en nemenMaar: hoe dan ook een akkoord. Dus een compromis. Iets waarbij elke partij vooraf beseft dat het een zaak van geven en nemen is. Oplijsten wat er allemaal ontbreekt en niét instaat, heeft pas zin als het geheel in de weegschaal wordt gelegd van wat wel bereikt is. En het lijstje van sociale voordelen die uit de brand gesleept werden, mag best gezien worden: plus 4,2 procent loonopslag voor de 2,7 miljoen werknemers in de privésector. Voor de twee miljoen uitkeringsgerechtigden: 2 procent erbij voor de minima en andere voordelen (zoals een vakantiegeld van 125 euro voor wie drie jaar of langer ziek is), en de verlenging van de cao's rond brugpensioen op 56 in specifieke sectoren waar die maatregel gewettigd en rechtvaardig blijft: voor wie twintig jaar nachtarbeid deed, wie 40 jaar werkte en wie in de bouwsector werkzaam is.
Er staan natuurlijk een paar vakbondseisen niet in. Wellicht wel legitieme eisen, zoals de verhoging van het minimumloon. En het klopt dat de werkgevers in deze niet de meest gulle tegenpartij waren. Maar de vakbondsonderhandelaars hebben ook de index behouden, hoewel de druk om dit stelsel op te geven weer heel zwaar was. Die druk kwam ditmaal van de werkgevers, en zoals het er nu naar uitziet, straks ook vanuit de Europese Unie. Maar dat telt in sommige ABVV-centrales niet mee in het akkoord. BBTK is bijvoorbeeld boos dat er 'maar' 0,3 procent ruimte is voor loonstijging. De bediendenbond gaat ervan uit dat die 3,9 procent van de index eigenlijk niet meegeteld moet worden, terwijl die index door de duurdere olie en andere grondstoffen vermoedelijk hoger zal uitvallen dan de 3,9 procent die de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven heeft ingeschat. Maar neen, voor de BBTK is dat 'nul'. Zo vernemen hun leden dat ook: 'slechts' ruimte voor een schamele aalmoes van 0,3 procent opslag, een paar honderd euro bruto per jaar, "en dat na drie opeenvolgende jaren loonstop". Niet helemaal waar: de loonstijging bleef beperkt tot de index. Maar als dat niet telt, is het natuurlijk moeilijk om positief te zijn over een akkoord waar de werkgevers het al een anomalie vinden dat die automatische index blijft bestaan. Vandaar ook dat ze afdwongen dat er een studie moet komen van die index. Ook dat zorgt voor wat (begrijpelijke) onrust in vakbondskringen. Dat is het eerste, klassieke luik. Het is absoluut geen vetpot, maar wel een realistische bundel afspraken in een Europese context die zich als bijzonder guur aankondigt. Zeker, de rentabiliteit van de Belgische bedrijven ging er niet op achteruit, en het zou niet fout geweest zijn mochten ze hun werknemers wat meer mee laten genieten van die winsten.
EenheidsstatuutEr zat evenwel nog een ander luik aan het akkoord: een begin van eenheidsstatuut. Daarin groeien de ontslagregelingen van bedienden en hogere arbeiders naar de regeling die bestaat voor lagere bedienden. Dus inderdaad: de hogere bedienden leveren in. Tegen 2017 zal de ontslagbescherming voor arbeiders dan 20 procent hoger liggen, die voor hogere bedienden 10 procent lager. Dat laatste is voor BBTK onaanvaardbaar, en vanuit de reflex van 'belangenbehartiging' zal dat ergens nog te begrijpen zijn. Ware het niet dat op termijn het vakantiegeld van bedienden royaler wordt, en de arbeiders in 2014 af zijn van de gehate 'carensdag' (de eerste dag bij ziekte wordt bij arbeiders niet betaald). De Metaalcentrale heeft die carensdag al afgeschaft op het eigen sectoraal niveau, maar andere sectoren slepen de dag nog wel mee. De onderhandelaars van de werkgevers zijn trouwens door hun achterban de oren gewassen om het opgeven van die carensdag: men vreest een opstoot van de 'maandagzieken', nu één dag afwezigheid niet meer financieel gesanctioneerd wordt. Tenslotte zijn er nog andere convergenties tussen de statuten van bedienden en arbeiders, zoals een harmonisering van de tijdelijke werkloosheid tegen 2016. Dat is allemaal redelijk lang uitgesmeerd in de tijd, maar de aanzetten zijn er wel. Men kan zeggen dat de doos niet vol genoeg zit, maar wie dit een lege doos noemt, is of bijziend of getuigt van kwade trouw.
In die zin heeft de snelle en harde veroordeling van de ontwerptekst door de vakbondsleiders van BBTK en Metaal in de andere centrales nogal wat kwaad bloed gezet. Er was nog maar pas aangekondigd dat er een akkoord was, of het werd al afgeschoten. "Ze hebben amper de tijd genomen om de teksten te lezen", grommen andere ABVV'ers. "En ze hebben neen gezegd voor ze hun achterban raadpleegden, niet erna (zoals bij de AC gebeurde - waar men dus ook 'neen' zei, maar na consultatie van de achterban). Bij het ABVV speelt dan nog de psychologie van de organisatie mee. Als er één vakbondsleider roept dat dit akkoord "onvoldoende" is, voelt elke rechtgeaarde ABVV'er, ook uit de andere centrales, zich al halvelings tot een gewetensonderzoek verplicht: is hij nog wel voldoende links en progressief en verdediger van de kleine man, indien hij toch 'ja' zou zeggen? Heult hij niet mee met 'het kapitaal'?
De relatief kleine transportbond BTB stemde bijvoorbeeld na intern debat 'voor': men was ongelukkig om wat niet bekomen was, maar vond dat de voordelen voor de eigen leden uiteindelijk groter waren dan de gemiste kansen. En dat voor een centrale die eigenlijk tegen een eenheidsstatuut is. "Waarom zou er inzake sociale bescherming ook geen maatwerk mogen bestaan", zegt secretaris Frank Moreels. "We willen alle onlogische verschillen tussen arbeiders en bedienden wegwerken, maar we gaan de nuttige specifieke beschermingen toch niet opgeven? Waarom zouden dokwerkers en zeelieden, die in zeer specifieke sectoren werken, geen specifieke bescherming mogen krijgen?"
Dat zou al een meer gesofisticeerde en wellicht ook interessantere discussie op gang hebben getrokken dan het luid uiten van afkeuring voor wat er allemaal niet binnengehaald is in dit akkoord. Ook al omdat het dossier straks dus op de tafel van de regering komt. En ook al is de druk daar groot op Leterme II om dan maar uit te voeren wat alle partners (min één dus) gestemd hebben, evident is dat niet. Vooral de liberale coalitiepartners stribbelen tegen sommige bepalingen van het IPA die lijnrecht ingaan tegen hun eigen inzichten. Het wordt nog koffiedik kijken of men het hele akkoord zal steunen, of die delen waarover er binnen de regering unanimiteit bestaat. In het laatste geval zullen er wellicht een paar sociale 'verworvenheden' sneuvelen. En het is afwachten hoe de werkgevers zullen reageren op een njet van het ABVV. Het lijkt onwaarschijnlijk dat VBO en co. in dat geval zullen instemmen met een verlenging van het brugpensioen. De kans is dan ook groot dat de ABVV'ers straks zullen moeten betogen om te verdedigen of te verkrijgen wat ze vandaag hebben weggestemd.