19/07/10 08u35
Roos Maes is als inspiratieverantwoordelijke werkzaam op de studiedienst van de Christelijke Arbeidersvrouwenbeweging. Zij bespreekt de rol van vrouwen in de kerk.
-
In onze kerk hebben vrouwen de wijding niet nodig om het geloof te verkondigen, te vieren en te beleven
Als het Vaticaan over seks spreekt, ontspringen vrouwen de dans niet. Dat wisten we allang. We hebben er lang op gewacht, maar nu duikt de vrouw dan toch op in artikel 5 van de verordeningen van de Congregatie voor de Geloofsleer inzake seksueel misbruik in de kerk. Daar stelt men dat de wijding van vrouwen een misdaad is tegen het geloof en dus bestraft moet worden door zowel de vrouw als diegene die de wijding uitvoert, te excommuniceren. Vrouwen wijden verdient een even zware straf als seksueel misbruik. Vergoelijkend voegde de woordvoerder van het Vaticaan eraan toe dat inzake deze misdaden tegen het geloof de wijding een misdrijf is tegen het sacrament, pedofilie tegen de moraal.
Dit gaat ons petje te boven. Hoe is het mogelijk dat iemand zo'n domme uitspraken doet? Hoe kan het dat een instituut dat zich opwerpt als verdediger van het christelijk geloof, er dergelijke redeneringen op nahoudt? Ik kan het aan mijn schoonmoeder niet uitleggen waarom de priesterwijding van vrouwen een misdaad is, laat staan wat dit te maken heeft met pedofilie.
Afwezige vrouwenIn de hele pedofilie-affaire binnen de kerk zijn de vrouwen opvallend afwezig gebleven. Niet omdat zij niet zouden meevoelen met het leed dat mensen is aangedaan. Zeker ook niet omdat zij zich niet betrokken zouden voelen bij wat in de kerk gebeurt. Integendeel. Overal waar onrecht en kwaad de bovenhand krijgt, zijn vrouwen betrokken, dikwijls als slachtoffer, evenzeer als voorvechters van gelijkheid en rechtvaardigheid. Pedofilie in de kerk treft immers ook hun kinderen.
Ook al hebben vrouwen in de kerk nog steeds geen gelijke kansen, toch zijn zij het die in geloofsgemeenschappen, parochies, instellingen en onderwijs het geloof blijven uitdragen en verkondigen. Velen van hen stijden reeds lang voor gelijkberechtiging. Velen zijn ook het slachtoffer geworden van een absurd vasthouden aan starre wetten en regels binnen het instituut. Maar veel vrouwen laten zich de kerk niet afpakken. Na het lange barricadewerk hebben ze intussen de strategie van 'doe wel en zie niet om' ontwikkeld. Gewoon doen wat er moet gedaan worden en samen verder werken. Met kracht en geduld. Ook in de kerk. En vooral niet vragen wat mag. Want zoals een bisschop ons ooit zei : "Dan ben ik verplicht neen te zeggen". Deze strategie kan getuigen van onmacht, van ontkenning, of van wijsheid. Laten we voor het laatste gaan. Het is de vrouwen oogluikend gegund. En laten we wel wezen: dit stilzwijgend tolereren is voor de kerk niet gespeend van eigenbelang, want vrouwen houden op veel plaatsen in Vlaanderen de lokale parochies overeind.
Intussen moet al wie zich christelijk of katholiek noemt wel door het leven met de stempel van een kerk die het onrecht in haar schoot draagt. Misschien is gewoon doordoen wijs, maar door te zwijgen blijven heel wat geëngageerde gelovigen wel in de kou staan.
Dus willen we nu, als vrouwenbeweging, onze stem laten horen. Niet om te pleiten voor de priesterwijding van de vrouw. Die fase zijn we al lang voorbij. De kerk zoals ze zich vroeger en nu toont, belangt ons niet (meer) aan. Het is een instituut dat gestoeld is op macht, door mannen uitgeoefend, en daarbovenop nog religieus gelegitimeerd. In zo'n kerk willen we geen priester worden.
In onze kerk hebben vrouwen de wijding niet nodig om het geloof te verkondigen, te vieren en te beleven. Wij willen voorgangers die de kracht uit hun geloof en spiritualiteit halen en niet uit hun gewijde status. Wij willen voorgangers die hun competenties inzetten, elk 'naar godsvrucht en vermogen', vrouwen én mannen. We willen een kerk waar samengewerkt wordt op vlak van gelijkheid en menselijke waardigheid.
Vrouwen zetten zich in voor gelijke rechten in alle aspecten van de samenleving. Ze doen dit niet vanuit een ivoren (kerk)toren maar vanuit een geloof dat een rechtvaardige en solidaire samenleving mogelijk is. Ze doen dit samen met andersgelovigen omdat ze elkaar vinden in de strijd tegen onrecht. Als een samenleving dat kan realiseren, waarom dan niet de kerk? Trouw aan haar inspiratiebron en vanuit de 'pretentie' dat zij het christelijk geloof bewaart, zou zij bij uitstek een plaats van gerechtigheid moeten zijn. Als ze dat in haar eigen rangen niet verwezenlijkt, verliest ze alle recht van spreken in de -samenleving.
EngagementHet is misschien wel een zegen dat het instituut davert op zijn grondvesten. Nu komt er een kans voor engagement om kerk te zijn op onze manier.
Wij eisen het recht op een kerk te zijn waar mannen en vrouwen in gelijkheid samenwerken, waar zorgzaamheid en solidariteit centraal staan. Wij maken nu al werk van een kerk met spirit en kracht, die getuigt van een waarachtig geloof en dat consequent uitdraagt in haar daden. Zo'n kerkgemeenschap draagt alle vrijwillige inzet op handen: die van vrouwen en ook die van mannen.