16/07/10 07u13
Terwijl BP in de Golf van Mexico een stop op het grootste olielek aller tijden probeert te plaatsen, moet er ook een stop komen op onze olieverslaving. Want geloven dat diepzeeboringen ooit zonder risico's kunnen verlopen, is geloven in een onschadelijke nucleaire bom, stelt Joeri Thijs. Thijs is campagneleider klimaat & transport bij Greenpeace België.
-
België heeft de komende zes maanden het voorzitterschap van de EU in handen. Ons land heeft de historische kans om onze olieverslaving en de impact van transport op het klimaat nu eindelijk echt aan te pakken
De olieramp in de Golf van Mexico houdt nu al maanden aan. Pas binnen enkele maanden, misschien zelfs jaren, zal duidelijk worden hoe groot de impact van de catastrofe werkelijk is. Bij ons werd er met veel verontwaardiging gereageerd. En toch kroop de Belg de voorbije dagen weer opnieuw massaal achter het stuur op vakantie. Alsof er absoluut geen link bestaat.
De link is nochtans vrij simpel. Waarom gaan oliemaatschappijen steeds verder, dieper en op riskantere locaties naar olie boren? Juist, omdat het "traditionele" aanbod slinkt en ze het goedje vandaag voor een hogere prijs aan de man kunnen brengen. De vraag naar (en dus ook de prijs van) olie wordt immers naar ongekende hoogtes gestuwd door de groei van transport, zeker in groeilanden maar evenzeer in Europa. Bijna twee derde van de geïmporteerde olie in de EU is bestemd voor transport. De riskante (en peperdure) ontginningsmethodes zoals diepzeeboren zijn met andere woorden rendabeler geworden dan pakweg tien jaar geleden.
De EU wil diepzeeboringen nu gaan toetsen aan strengere veiligheidscriteria voor oliemaatschappijen. Dat is een goede eerste stap. Alleen moet één ding duidelijk zijn: veilig diepzeeboren is simpelweg een utopie. Het bewijs daarvan zien we nu al bijna drie maanden in de Golf van Mexico. En de olie-industrie heeft haar lesje nog niet geleerd. Terwijl de olie nog met duizenden vaten per dag uit het BP-lek spuit, gaan BP en andere oliemaatschappijen gewoon voort met plannen om olie te ontginnen in andere diepzeeregio's. Alsof er niets gebeurd is.
Historische kansBelgië heeft de komende zes maanden het voorzitterschap van de EU in handen. Ons land heeft de historische kans én verantwoordelijkheid om onze olieverslaving en de impact van transport op het klimaat nu eindelijk echt aan te pakken. Paul Magnette, tot nader order nog steeds federaal klimaatminister, heeft al aangekondigd dat hij de Europese lidstaten wil samenroepen om op zijn minst een moratorium op vergunningen voor diepzeeboringen te bespreken. Als de EU het serieus meent, moet er simpelweg een ban komen op diepzeeboringen in de EU. De veiligheid van dit soort ontginningspraktijken zal immers nooit kunnen worden gegarandeerd.
Bovendien heeft ons land ook de kans grote vooruitgang te helpen boeken om bestelwagens en auto's in de toekomst veel zuiniger te laten omspringen met brandstof. In afwachting van elektrische voertuigen (die pas op langere termijn op grote schaal hun intrede zullen doen) is er nog een enorm potentieel om heel eenvoudig via strenge uitstootnormen - de consumptie van olie in Europa drastisch naar beneden te halen.
Want natuurlijk moet de tering naar de nering worden gezet. De EU moet haar eigen huiswerk maken en ervoor zorgen dat "vuile" olie niet langer geïmporteerd wordt. Want alleen dit soort praktijken op Europees grondgebied verbieden en dan lustig voortgaan met het importeren van "vuile" olie uit andere continenten zou wel heel erg hypocriet zijn.
Ook in eigen land is er nog werk aan de winkel. Uit nieuwe cijfers bleek deze week dat de Vlaming nog steeds erg verknocht is aan de auto. Ook dat moet veranderen. Maar daarvoor is er een beleid met visie en ballen nodig: een beleid dat niet langer autogebruik subsidieert en stimuleert maar het aan banden legt en tegelijk veel harder in de alternatieven investeert.
Of laten we de risico's en de problemen aan volgende generaties, die dan nog veel meer met het mes op de keel de olievoorraden zijn immers eindig het werk in onze plaats zullen moeten doen?