05/07/10 09u40
Koen Aerts over de amnestievraag tijdens de regeringsonderhandelingen van Bart De Wever. Aerts is aspirant-onderzoeker bij het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen van de Vakgroep Geschiedenis UGent. Hij stelt zich vragen bij de roep om amnestie van Hilde Kieboom.
-
Een sociaal-economisch plan is nuttiger dan een maatregel die een steeds kleinere groep mensen tegemoet komt
Hilde Kieboom, voorzitster van de Sint-Egidiusgemeenschap, suggereert in een interview met Knack (30 juni 2010) en een opiniestuk in De Morgen (2 juli 2010) dat de tandem De Wever-Di Rupo een historische kans heeft om 65 jaar na de Tweede Wereldoorlog het sterk beladen amnestiedossier tot een goed einde te brengen. Kort gesteld is amnestie een algemene maatregel die de wetgever neemt om een samenleving te pacificeren. In de strikte zin werkt amnestie retroactief en wist het zowel de boete als de schuld uit. Voor collaborateurs is dat altijd uitgebleven. De oproep van Kieboom sluit niettemin aan bij een strijd om het verleden die al bijna tot het Vlaamse erfgoed kan gerekend worden. Het is een traditie die begin 21ste eeuw zo goed als begraven was, maar met de oproep van Kieboom nieuw leven lijkt te zijn ingeblazen.
De naoorlogse parlementaire bronnen staan bol van voorstellen om in te grijpen in de gevolgen van de bestraffing van de collaboratie. Niet steeds onder de noemer amnestie, maar ook verpakt in andere en meer juridisch-technische formules, was het aanvankelijk vooral de christendemocratische partij die zowel uit electorale als caritatieve overwegingen daarin het voortouw nam.
Nu het Vlaams-nationalisme uiteindelijk tot op het hoogste niveau niet enkel salonfähig, maar ook bepalend is geworden, lijkt de N-VA in de ideale positie te zitten om die oude maar onvervulde eis te valoriseren. De republikein Bart De Wever zou zelfs in het paleis een objectieve bondgenoot kunnen vinden. Zowel de huidige als de vorige koning hebben in de eerste helft van de jaren 90 immers al de wens uitgedrukt dat er in het kader van de pacificatie tussen de gemeenschappen maatregelen bestudeerd zouden moeten worden "die kunnen bijdragen tot de verzoening tussen alle burgers". Het is de parafrase van een zinnetje dat sinds de jaren 70 af en toe is opgedoken in regeringsverklaringen maar steeds dode letter bleef.
De amnestie-eis droogde op wetgevend niveau op en enkel het Vlaams Blok en later het Vlaams Belang maakte er nog een erezaak van om elke legislatuur een wetsvoorstel rond amnestie in te dienen.
De Vlaamse overheid wou in haar verzelfstandigingsproces niettemin kost wat kost, al was het maar symbolisch, komaf maken met de erfenis van het oorlogsverleden. Op 20 maart 2002 keurde ze bijgevolg een resolutie goed "betreffende de aanbevelingen inzake het omgaan met het oorlogsverleden van Vlaanderen" waarin zowel de collaboratie als de fouten van de repressie werden veroordeeld, in de wetenschap dat die fouten geenszins gelijkgesteld kunnen worden met de collaboratie. Verder werd ook de wens uitgedrukt om meer wetenschappelijk onderzoek te verrichten en tot maatregelen te komen die wijzen "op het gevaar van ondemocratische uitgangspunten als 'eigen volk eerst'" een nauwelijks verholen verwijzing naar het toenmalige Vlaams Blok.
Precies dat zinnetje had Bart De Wever als historicus en lid van het partijbestuur van de N-VA bewogen tot een opiniestuk in De Standaard (27 februari 2002) waarin hij waarschuwde dat de politiek zich de geschiedenis als dienstmaagd had toegeëigend. Hij laakte de rol van het parlement dat via wetten of resoluties een interpretatie van historische feiten zou opleggen of er een politiek spel mee wou spelen. Zijn mening zat gebald in "historia docet": er zijn lessen te trekken uit het verleden.
Als er al lessen getrokken kunnen worden, is het echter nog zeer de vraag of die ook effectief geleerd worden. In het licht van de geschiedenis komt de oproep van de voorzitster van een christelijk-katholieke lekenbeweging dan ook hoogst eigenaardig over. Als historicus gespecialiseerd in het naoorlogse Vlaams-nationalisme zal Bart De Wever ongetwijfeld bevestigen dat de mogelijkheid tot een vergelijk tussen Vlaams-nationalisten en Franstalige socialisten op dat punt tot het rijk der fantasie behoort. In een sowieso al gecommunautariseerde regeringsonderhandeling is het bijgevolg weinig opportuun om een bij voorbaat polariserend thema tussen de twee belangrijkste partners te injecteren. Bovendien is het ook de vraag waarom Hilde Kieboom de corebusiness van haar Vereniging voor Solidariteit vzw, namelijk armoedebestrijding, laat overschaduwen door een in vergelijking zo weinig relevant pleidooi? Het algemeen belang van het land is alleszins meer gediend met een duidelijk sociaal-economisch plan dan met de beslechting van een potentieel explosief dossier waarbij een steeds kleinere groep mensen met een al dan niet symbolische tegemoetkoming zou bedacht worden.
Hilde Kieboom geeft bovendien nergens aan wat ze bedoelt met amnestie. Het mag alleszins geen vergoelijking of een rechtvaardiging van de collaboratie met het misdadige naziregime zijn, daar kan moeilijk iemand het oneens mee zijn. Hoewel. Vier jaar nadat de historicus Frans-Jos Verdoodt in 2000 op de IJzerbedevaart het "historisch pardon" had uitgesproken voor de collaboratie van een deel van de Vlaamse beweging, blies de meer radicale rechterzijde van die Vlaamse beweging op de IIzerwake in Steenstrate verzamelen voor een portrettengalerij waar ook Staf De Clercq in figureerde, de Vlaamse übercollaborateur. Is amnestie, bij voorbaat een algemene maatregel, dan wel op zijn plaats?
Hilde Kieboom heeft het verder over een gebaar van verzoening dat een mentale verwerking van het verleden moet mogelijk maken. Over wiens verleden gaat het dan? Waar amnestie voor collaborateurs een loutering zou kunnen betekenen, stelt zich de vraag op welke wijze de pil voor joden, burgerslachtoffers en verzetstrijders verguld kan worden.
Kieboom overschat de mogelijkheden om een verzoening van bovenaf op te leggen. Ze stelt terecht vast dat een zekere kern van Vlaams-nationalisten nog steeds rancuneus is over de bestraffing van de collaboratie, maar ze gaat voorbij aan de merkwaardige paradox dat uitgerekend collaborateurs in Vlaanderen het tot in het parlement en zelfs tot minister konden schoppen.
Zoeken naar relevantieTen slotte is het nog de vraag of de N-VA bereid zal zijn die kar te trekken. Als historicus had Bart De Wever al te kennen gegeven dat hij niets voelde voor wetgevende initiatieven die een politieke interpretatie opleggen van historische feiten. Wel, amnestie is dé maatregel bij uitstek die ingrijpt in het verleden. Het partijprogramma bevat geen enkele verwijzing meer naar het oorlogsverleden, de verkozenen nemen geen wetgevende initiatieven ter zake en de voorzitter zelf had het twee jaar geleden tijdens een uitzending van Répondez @ la question (8 oktober 2008) op de RTBF nog over "une page tournée."