15/06/10 07u13
Walter Pauli maakt de balans op na de verkiezingen. En betreurt dat sommige verliezers zich gedragen als winnaars.
-
-
De enige die nog een redelijke basis heeft om een beetje tevreden te zijn, is Wouter Van Besien. Groen! ging vooruit, al kan je een vooruitgang van 0,7 procent beter 'status quo' noemen
Het was een weinig fraai zicht zondagavond, en maandag duurde het nog verder: partijvoorzitters en -kopstukken die van pure schaamte best een paar dagen waren ondergedoken, maar die toch al op tv-debatten kakelden dat het een lust was. Alsof ze verder konden met business as usual. Ze hadden de verkiezingen misschien niet gewonnen, ratelden ze door elkaar, maar ze hadden ze alvast ook niet helemaal verloren. Ze dwalen.
De enige die nog een redelijke basis heeft om een beetje tevreden te zijn, is Wouter Van Besien. Groen! ging vooruit, al kan je een 'vooruitgang' van 0,7 procent beter 'status quo' noemen. Het groene geluk is wel gewettigd om die ene zetel winst, waardoor de jonge maar getalenteerde Kristof Calvo in de Kamer gesluisd wordt, en het sterke resultaat dat Eva Brems in Leuven neerzet: in dat arrondissement is Groen! zelfs groter dan het Vlaams Belang. In het kanton Leuven is de partij zelfs groter dan zowel VB als Open Vld, en zitten Brems en co. CD&V op de hielen. Al is de vooruitgang voor Groen! tegelijk toch net te pril om er al de fanfare voor van stal te halen. En, zoals Van Besien doet, te spreken van "twee winnaars" van de verkiezingen, te weten N.VA/De Wever en hijzelf/Groen!. Dat is zoals de muis die naast de olifant loopt en zegt: "Wij twee, wij werpen nogal stof op, hè."
En dan zijn er die andere historische verliezers, die zondagavond iets te veel noten op hun zang hadden. Nog goed dat CD&V-voorzitter Marianne Thyssen zondag het boetekleed aantrok, want tot dan hadden mindere goden als Etienne Schouppe of Hendrik Bogaert varianten verkondigd van de thesis dat "vooral Open Vld en VB" klappen hadden gekregen, maar dat het voor CD&V nog wel meeviel. Met dik 17 procent van de stemmen is er niets, maar dan ook niéts dat voor CD&V goed te praten valt. Niet eens zo lang geleden werd Wilfried Martens als een loser beschouwd omdat zijn CVP toen meer dan het dubbele van de stemmen van de CD&V vandaag haalde. Yves Leterme vindt dat hij het in West-Vlaanderen goed deed. Het zou een nieuwe carrièrewending kunnen zijn: maak hem gouverneur van West-Vlaanderen, in afwachting van die benoeming eventueel arrondissementscommissaris in Ieper, maar hou hem weg uit Brussel. Want al beseffen de christen-democraten het misschien niet helemaal, Yves Leterme heeft zijn partij met een existentieel probleem opgezadeld.
Veredelde figurantenDat geldt trouwens ook voor Open Vld, sp.a en VB. Partijen van ongeveer 15 procent zitten namelijk in de lift. Ofwel groeien ze door tot een levensvatbare 20 procent, en zijn ze een 'middelgrote', alleen in Vlaanderen 'grote' formatie. Ofwel blijven ze hangen en zijn ze gedoemd om te zakken tot ergens onder de 10 procent. 15 procent is een lift, maar geen plaats om te blijven. Het is te groot om dilettantisch en freewheelend aan politiek te kunnen doen. Het is te klein om te doen wat desondanks veel kiezers denken dat je moet doen: op tijd en stond je verantwoordelijkheid opnemen. Maar daarvoor weeg je eigenlijk net te licht. En je bent niet groot genoeg om allerlei talenten te recruteren. Het enige voordeel is dat ook een aantal opportunisten niet zullen langskomen, het nadeel dan weer dat je hoe dan ook een magneet blijft, zij het voor minder begaafde talenten en nog wat dommere opportunisten. In dat schuitje zitten Open Vld, sp.a, VB en nu ook CD&V. Ze voelen zich allemaal nog heuse meespelers maar zijn veredelde figuranten: ze worden op afroep opgeroepen, als de regisseur het wil omdat het hem uitkomt voor zijn mise-en-scène.
De omgeving van Alexander De Croo probeert het aannemelijk te maken dat de door Open Vld uitgelokte val van de regering niet bedoeld was om stemmen te winnen. Wie wast die bengels de mond? Wie een regering laat vallen en op verkiezingen aanstuurt, wil natuurlijk een electorale bonus. Wie kiest voor het leugentje, moet dat tenminste een beetje geloofwaardig doen. Maar dat is natuurlijk stilaan het probleem van Open Vld: zelfs als Vincent Van Quickenborne de waarheid zou zeggen, heb je toch de indruk dat hij je iets op de mouw speldt.
En dat verhaal ziet er voor Caroline Gennez structureel nog iets slechter uit dan voor Open Vld. De sp.a leidt nu al de derde nederlaag op rij: bodemkoers in 2007, met een goede 16 procent, nog wat dieper naar de bodem in 2009, met een krappe 15 procent, nu "gestabiliseerd", zoals dat in het socialistisch neo-Orwelliaans heet, op een dikke 14 procent. Dat is zelfs niet geheel de fout van Gennez en haar team. Van de laatste zes verkiezingen heeft de sp.a er maar één met bravoure gewonnen (2003). Eén was al een stuk minder (2004), en er waren er vier met telkens onaanvaardbaar lage scores (1999, 2007, 2009, 2010). Het zit dus structureel zwaar fout met het Vlaams socialisme. In 2009 zeiden sp.a'ers nog: "We weten dat het niet goed is, maar we zijn tevreden dat onze val tenminste is afgeremd." Vandaag lijkt het erop dat men niet meer spectaculair valt, maar geruisloos de helling verder blijft afglijden. Alsof men geen grip meer heeft op de gebeurtenissen, en vooral niet op de kiezer. Dat uit zich trouwens ook in de stempercentages. Neem sp.a-voorzitter Caroline Gennez zelf. In haar provincie Antwerpen haalde, als lijstrekker, 14,32 procent. Dat is een volle twee procentpunt minder dan de 16,51 procent van Christine Van Broeckhoven in datzelfde Antwerpen in 2007, en dat geldt nog altijd als een desastreuze uitslag van een falende lijstrekker en een kaduke lijst. Nu had Gennez de steun van Antwerps burgemeester Patrick Janssens, van Maya Detiège en van Opelman Rudi Kennes. Zoveel Antwerps socialistisch talent, en toch is uitgerekend in het kanton Antwerpen de terugval dramatisch: Van Broeckhoven leidde haar troepen nog naar 23,55 procent, Gennez-Janssens klokken haast 4 procentpunt lager af, op 19,76 procent. Een verlies van één zesde van de kiezers.
Het zal de sp.a nog wat tijd vragen om intern na te gaan wat er gebeurd is. Maar doen alsof dit misschien niet goed, maar desondanks behoorlijk is, is de kiezer of het publiek andermaal bij de neus nemen. En de kiezer is echt niet zo braaf, zo meegaand, zo dom of zo blind als ze op het sp.a-hoofdkwartier denken. De uitslag in Limburg is daarvan het beste bewijs. Ingrid Lieten werd na de vorge verkiezingen ineens de nieuwe nummer één omdat men in haar het grootste talent ontwaarde, het potentiële stemmenkanon ook. Afgedankt lijsttrekker Peter Vanvelthoven moest genoegen nemen met een nederige plaats. Alles werd gedaan om la Lieten te lanceren. Tot afgelopen zondag de kiezer mocht oordelen, en dat deed op de souvereine wijze die het volk soms eigen is: nummer twee, Peter Vanvelthoven, haalde flink meer voorkeursstemmen dan nummer één, Ingrid Lieten. Dat is natuurlijk vernietigend en pijnlijk, en vooral Lieten zelf. Die had deze verkiezing nodig om haar gezag te vestigen, en ziet zich integendeel ondermijnd. In plaats van een win-winscenario, een lose-losevariant. Eentje waar niemand echt beter van wordt. Ook Vanvelthoven niet, want die doet best niet te openlijk fier over zijn verkiezing, of de eigen partijtop neemt het hem nog eens kwalijk dat hij zo goed scoorde. Zo cynisch, zo grof is het wereldje wel. Een aantal amateurstrategen die de socialistische partijlijn uitzetten, zouden stilaan hun verantwoordelijkheid mogen nemen.
En dat geldt voor al die verliezers. Dat ze de verkiezingen verloren, tot daar aan toe. Wat echt ergert, is dat ze desondanks blijven paraderen met wat pluimen in hun gat.