In zijn paashomilie heeft André Léonard het leed van de slachtoffers van kindermisbruik in de kerk erkend. De Belgische kerk wil ook meewerken aan wetenschappelijk onderzoek naar wat misliep in de aanpak van dat misbruik. Karlijn Demasure noemt dat stappen in de goede richting, 'maar nog altijd onvoldoende'. De aanpak van het Vaticaan in dit dossier baart haar zo mogelijk nog grotere zorgen.
Karlijn Demasure is een Belgische theologe. Zij bekleedt de leerstoel Christian Family Studies aan de Canadese Saint Paul University. Demasure was jarenlang actief aan de KU Leuven. Zij is de auteur van 'Als de draad gebroken is', een boek over kerk en pedofilie.
Mgr. Léonard heeft in zijn paasboodschap het stilzwijgen van de kerk over pedofilie veroordeeld. De aartsbisschop heeft zich daarbij moedig opgesteld. Dezelfde houding had men van de paus verwacht in zijn homilie op witte donderdag. Het evangelie van die dag handelt over het Laatste Avondmaal van Jezus en zijn leerlingen. Vandaar dat het ook het feest van de priesters is, omdat zij de sacramenten mogen bedienen. Johannes Paulus II schreef rond deze tijd geregeld een brief aan de priesters. In dit jaar, dat speciaal aan de priesters gewijd is, hadden we van Benedictus XVI eveneens een brief aan de priesters verwacht, vooral nu het priesterschap danig in zijn waardigheid is aangetast wegens de pedofilieschandalen.
Het hele paasgebeuren draait bovendien rond leven en dood. Slachtoffers hebben me verteld hoe het kind in hen gedood werd door het misbruik. De vreugde van het leven ervaren zij als voorgoed verloren. Een aantal onder hen beleeft aan den lijve de hele cyclus van het paasgebeuren. Het sterven op Goede Vrijdag herbeleven ze als de ervaring van het misbruik. Stille Zaterdag is voor hen het gestaag werken aan herstel met goede therapeuten en pastorale verantwoordelijken. De verrijzenis tenslotte ervaren ze als het leven-anders, maar toch opnieuw: het leven. Als kerkelijke verantwoordelijken in deze periode niet spreken over dit misbruik dan is dit een gemiste kans. Het versterkt bovendien de opvatting dat de Kerk nog altijd niet bereid is tot transparantie.
Eric De Beukelaer, de woordvoerder van de bisschoppenconferentie heeft in eigen naam voorgesteld dat universitairen het gedrag van de Belgische Kerk inzake pedofilie kunnen onderzoeken en heeft daarbij de volle medewerking van de kerk beloofd. Dat is een stap in de goede richting, maar nog altijd onvoldoende. Het zou goed zijn als Mgr. Léonard, net zoals sommigen van zijn collega's hebben gedaan, elk slachtoffer van misbruik door een priester oproept zich eens en voorgoed te melden. Dit kan via de bestaande telefoonlijn voor slachtoffers van misbruik binnen de kerk. Alleen zo raakt de kerk van dit schandaal af dat haar nu al sinds het begin van de jaren '80 achtervolgt.
Het is waar dat de paus een pastorale brief schreef aan de katholieken in Ierland, waarin het misbruik veroordeeld werd. Even hadden we gehoopt dat de paus een brief aan alle katholieken in de wereld zou richten. Het heeft niet mogen zijn. Wat me in de brief het meeste verontrust is dat pedofilie beschreven wordt als een "misdaad en een zonde". Niet dat ik het hiermee oneens ben, maar het belangrijkste element ontbreekt: het is ook een pathologie. Deze term bevrijdt de dader niet van zijn verantwoordelijkheid. Die is er wel degelijk. Hij heeft een vrijheid om al dan niet tot daden over te gaan. Maar zijn vrijheid is beperkt. De opvatting waarbij pedofilie enkel als zonde beschreven wordt, ligt aan de basis van een politiek van de overplaatsingen van het ene bisdom naar het andere. Men dacht dat berouw en biecht voldoende waren om het seksueel misbruik in de toekomst uit te sluiten. De geschiedenis heeft bewezen dat dit niet zo is. Pedofilie beschouwen als misdaad en zonde is onvoldoende om seksueel misbruik tegen te gaan: naast kerk en gevangenis is ook therapie noodzakelijk.
De paus heeft in zijn homilie de problematiek van leven en dood niet verbonden aan seksueel misbruik maar aan de abortuskwestie. In Noord-Amerika is men ervan overtuigd dat hij daarmee de vrouwelijke religieuzen in de Verenigde Staten viseert. Er loopt immers een onderzoek tegen hen op gebied van de orthodoxie en de orthopraxie. Ze hadden zich bovendien net verzet tegen de Amerikaanse bisschoppen in de zaak van de gezondsheidwet van president Obama. De katholieke bisschoppen hadden hun gelovigen opgeroepen tegen de wet te stemmen omdat die voorzag in de terugbetaling van abortus. De vrouwelijke religieuzen hadden er op aan gedrongen toch voor de wet te stemmen. Niet omdat zij voor abortus zouden zijn, maar omdat het welzijn van 20.000.000 Amerikanen afhing van deze wet. Ze kozen voor het kleinste kwaad. Uiteindelijk werd de wet goedgekeurd met terugbetaling van abortus als het leven van de moeder in gevaar is, in het geval van verkrachting en incest, dus ook in geval van seksueel misbruik.
Op het ogenblik dat de Kerk lijdt onder de misbruikschandalen door priesters is het geen gelukkige keuze de vrouwelijke religieuzen aan te vallen. Daarmee beschadigt de Kerk verder haar imago. Ze valt een belangrijk deel van haar eigen gemeenschap aan, dat tot nog toe achting genoot. Het thema van abortus ter sprake brengen op een moment dat de Kerk de strijd tegen pedofilie in eigen schoot nog niet heeft gewonnen, is mijns inziens misplaatst.
Eerst moet bewezen worden dat kinderen die wel geboren worden ook in goede handen zijn. Pas dan kunnen we zeggen dat de wereld een plaats is waar alle kinderen welkom zijn.

© De Persgroep Digital - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in Nederland www.volkskrant.nl.