Het politieke onbehagen: een remedie in drievoud

19/03/10, 12u55

Bart Eeckhout, chef politiek van De Morgen, biedt een uitweg in drievoud aan. Wantrouwen in politieke instellingen is een wezenlijk onderdeel van burgerschap. In ons land neemt de vertrouwenskloof tussen burgers en hun volksvertegenwoordiging stilaan evenwel een problematische omvang aan, zo blijkt uit een onderzoek waarover deze krant gisteren berichtte (DM 18/3). Dat is geen fataliteit waar we ons maar bij neer moeten leggen, stelt Eeckhout.

  •  De opeenvolging van verkiezingen zorgt in een klein land met nauw op elkaar aansluitende bevoegdheden voor een voortdurende politieke instabiliteit  
Ergerlijk. Zo noemde minister van Werk Joëlle Milquet (cdH) de kritiek op haar beleid deze week in de Kamer. Bedoeld werd wel degelijk de houding van haar eigen coalitiepartners, en van de MR in het bijzonder, die haar nota over de activering van werkzoekenden afkraakten. Milquet pruilde omdat ze gedwongen werd om een nota waarover nog geen consensus bestaat toch al te presenteren. Het was lang niet de grootste rel uit de rumoerige geschiedenis van deze regeerperiode, maar er vallen wel pijnlijke lessen uit te trekken. Bijvoorbeeld dat deze coalitie zo los aaneenhangt dat de regeringstop niet eens kan verhinderen dat de ministers in het parlement door meerderheidsleden worden op stang gejaagd.

Erger is de vaststelling dat deze regering nauwelijks in staat is om het eens te raken over belangrijke beleidslijnen. Van asiel tot Congo en van de werkzoekendenbegeleiding tot de pensioenen: er wordt veel geroepen, maar weinig beslist. Premier Yves Leterme (CD&V) vindt het allemaal best, want, gelouterd na zijn eerste mislukte regeringsjaren wil hij nu vooral zo weinig mogelijk doen bewegen. Ware het niet dat Leterme vandaag op een superministerraad zijn daadkracht wil etaleren, je zou je afvragen of we nog wel een federale regering hebben. Het beleidsvacuüm leidt ertoe dat alle partijen, zelfs CD&V, kun je nagaan, met eigen ingrijpende plannen komen, maar die waaien meteen weer weg zonder enige impact op het beleid.

Incidenten bieden geen verklaring voor de structurele knik in het vertrouwen, maar de opeenstapeling ervan is wel de voedingsbodem van onbehagen. Dat is geen fataliteit waar we ons bij neer moeten leggen. Om alvast dat ene verwijt dat de grijnzende Wetstraatpers alleen maar relletjes uitvergroot te vlug af te zijn, bieden we een uitweg in drievoud aan.

1. Laat de verkiezingen weer samenvallen
Goed, de nationalisten hebben even mogen proberen te bewijzen dat de deelstaten op zichzelf staan, maar nu hebben we genoeg gelachen. De opeenvolging van verkiezingen zorgt in een klein land met nauw op elkaar aansluitende bevoegdheden voor een perpetuum mobile van politieke instabiliteit. De niet aflatende kieskoorts verhindert compromisvorming, nochtans een noodzakelijke voorwaarde om hervormingen uit te voeren. De snel op elkaar volgende campagnes eisen te veel aandacht van de kiezers, die wel wat anders aan hun hoofd hebben. En ze vergen te veel energie van het schaarse politieke talent, dat in cycli van vijf à tien jaar opbrandt.

Toegegeven, verkiezingen concentreren op één moment vergt een grotere hervorming dan er meestal bijverteld wordt - een parlement kan dan niet meer voortijdig ontbonden worden -, maar het geloof in de democratie zelf is hier in het geding. Om het verschil tussen de bevoegdheidsniveaus duidelijk te maken, zou bovendien voor de federale stembusgang best een eengemaakte kieskring ingevoerd worden voor een beperkt aantal te begeven zetels. Op die manier kan ook de federale meerderheid weer een echte afspiegeling zijn van de volledige verkiezingsuitslag.

2. Splits B-H-V, en snel

Toen onderzoeksbureau GfK in 2004 startte met zijn jaarlijkse politieke barometer (waaruit nu dus gebleken is dat nog maar 17 procent van de Belgen zijn politici vertrouwt), peilde het ook naar de wenselijkheid van... de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde. Inmiddels zijn we zes jaar verder, en nog zijn we geen stap vooruit. Dit geïsoleerde dossier vergiftigt al te lang het politieke handelen. Het is nu tijd om B-H-V snel en efficiënt uit de weg te ruimen: een simpele splitsing van de kieskring in ruil voor voldoende compensaties voor de Franstalige inwoners in de betrokken gemeentes en hup, weg ermee. Daar zal wat over gepruild worden ten noorden en ten zuiden van de taalgrens, maar een beetje regeringsleider moet de bevolking kunnen overtuigen dat er in deze crisistijden andere prioriteiten gelden. Daarom: punt drie.

3. Garandeer zekerheid op de kerntaken

Nooit eerder had de Belg gemiddeld zo veel geld op zijn spaarrekening staan. Behalve een illustratie dat de middenklasse de crisis redelijk goed doorstaat is dat het macro-economische equivalent van de politieke vertrouwenskloof. De burger gelooft niet langer dat deze overheid het voortbestaan van de sociale zekerheid kan garanderen en dus begint hij maar voor zichzelf te sparen. Deze regering moet dringend duidelijk maken dat ze de toekomst van onze welvaartstaat wel degelijk op een robuuste manier kan verzekeren, en aangeven welke hervormingen ze daartoe zal ondernemen. Na jaren van doelbewust tijdverlies in de Nationale Pensioenconferentie is het nu tijd om een budgettair en sociaal hervormingsbeleid in de steigers te zetten dat de duur van deze regeerperiode ver overschrijdt. Alleen zo kan de sluipende privatisering van de sociale zekerheid, waarbij wie het zich kan permitteren voor zichzelf wat opzijzet, afgestopt worden.
mailIcon print | Meer bookmarks |
Aan het laden...

Jouw gedachte?

De beste gedachten verschijnen in de krant

Aan het laden...
<spring:message code='commonMessages.loading' />