Pauli's Pen: Ho ho, daar komt Alexander De Croo

Door: redactie − 23/02/10, 07u32

Open Vld-voorzitter Alexander De Croo heeft in het zo belangrijke sociaal-economische debat de puntjes op de i gezet. Volgens het boekje deed de jongeman wat van hem verwacht werd. Hij zette stevige liberale klemtonen: geen nieuwe belastingverhogingen, werklozen mogen best wat meer aangepord worden, enzovoort. Hij staafde zijn betoog met hippe argumenten als 'activering' en de zorg om 'de jonge actieve generatie tweeverdieners'.
 
Op papier klopte zijn demarche. Alleen is politiek geen zaak van papier en strookt zijn betoog niets eens met de werkelijkheid. Neem de uitspraken van de genaamde Alexander over de werkloosheidsuitkeringen. Die moeten regressief zijn in de tijd, toetert De Croo. Na x-aantal maanden verminderen dus, zodat mensen aangespoord worden om harder te gaan werken. In zijn geest benadert België dan 'het Scandinavische model'.
 
Nochtans is het idee niet nieuw. Toen de Open Vld nog gewoon VLD heette, was men dat voorstel ook genegen. Op het beroemde/beruchte 'sociale congres' van 1993 werd dit voorstel van naaldje tot draadje uitgewerkt en verdedigd door congresvoorzitters Dirk Van Mechelen en Pierre Chevalier. Een van de prominente VLD'ers die toen zéér in zijn maag zat met de teneur van dat congres, was een zekere Herman De Croo, die vreesde dat de VLD zichzelf de das zou omdoen door zichzelf zo hard en antisociaal te profileren als in die ultraliberale jaren negentig. De verkiezingen van 1995 gaven De Croo - Herman dan - niet eens ongelijk. Maar goed, een zoon is niet verantwoordelijk voor de uitspraken van een vader, ook niet voor zijn meer verstandige quotes. Al blijft het opmerkelijk dat De Croo - Alexander nu - oprecht lijkt te denken dat hij iets 'nieuws' voorstelt.Maar dat kan natuurlijk ook politieke communicatie zijn: dezelfde boodschap op het juiste moment herhalen, eventueel met een modernere argumentatie, kan inderdaad maken dat je nu ineens wel slaagt waar dat vroeger niet was.
 
Helaas voor Alexander De Croo is zijn gedroomde 'Scandinavische model' in België reeds een jaar of twee een stukje ingevoerd, meer bepaald in de werkloosheid. Met het veelbesproken Interprofessionele Akkoord (IPA) tussen sociale partners in 2008, met name. De sociale partners stelden vast dat de werkloosheidsuitkeringen gevaarlijk laag waren geworden. In de jaren tachtig en negentig was in de werkloosheid fiks beknibbeld: om te besparen (het land moest 'de Maastrichtnorm' halen), maar ook uit inhoudelijke overwegingen. "Werkloosheid mag geen hangmat worden", zei premier Dehaene. Hij wilde de mensen naar het werk toe jagen, en lage uitkeringen waren daartoe een middel. Paars promootte de 'actieve welvaartstaat' en zette dat beleid fluks verder: welvaart, loonsverhogingen, belastingverminderingen, sociale voordelen, gedoogde softdrugs voor iedereen, maar je moest er wel voor werken.
 
Maar het geheel leidde ertoe dat de 'werkloosheidsverzekering' stilaan de naam niet meer waard was. Wie zonder werk viel, moest het in het beste geval (als gezinshoofd) met een uitkering van een duizendtal euro's doen. Een 'samenwonende' - dat betekent in de praktijk zo vaak een vrouw - kreeg/krijgt een veel lager bedrag. Toen de economische crisis bikkelhard toesloeg, zagen de sociale partners de noodzaak in om dat vangnet te verstevigen. Maar omdat het te duur zou zijn om alle werklozen onbeperkt een pak meer te geven, werd er, jawel, een 'Scandinavische methode' gevonden: de eerste zes maanden krijgt een werkloze 300 euro extra, het volgende half jaar nog 150 euro, en daarna valt men terug op het oude niveau. De klap van het ontslag wordt gemilderd en tegelijk weet wie zijn job verliest dat hij snel werk moet vinden, omdat anders het oude, karige niveau wacht. Vakbonden en werkgevers waren het eens over degressiviteit en selectiviteit. Zij het dat ze van een sowieso belachelijk laag bedrag niet nog wat afnamen, maar er in het begin wat bijdeden. Maar alleen in het begin.
 
Dat irriteert De Croo: waar in 2008 werkgevers hun cliché lieten varen dat de uitkeringen nooit verhoogd mogen worden, en vakbonden afstapten van hun dada dat elke verhoging per definitie voor iedereen moet zijn, komt De Croo ineens terug met oppervlakkige, belegen kaas van meer dan vijftien jaar geleden. Hij zit nog vast in zijn eigen simplismen.
 
Want ofwel kent Alexander De Croo de IPA-regeling niet, en dat is niet slim, ofwel wil hij dat werklozen opnieuw een pak minder moeten krijgen dan nu al het geval is. Excuseer, maar in de gegeven omstandigheden is dat wereldvreemd, of onbarmhartig, of beide. De voorbije maanden belandden er ongewoon veel werknemers tegelijk op de keien. En niet alleen bij Opel Antwerpen. (Daar worden trouwens de beste ontslagpremies onderhandeld en hopelijk ook de efficiëntste outplacement en arbeidsbemiddeling.) Maar vooral in vele tienduizenden volstrekt anonieme gevallen: kleine bedrijfjes, of beperkte afvloeiingen, absoluut niet gemediatiseerd, maar ook sociale drama's. Voor al die mensen heeft Alexander De Croo harde taal (jammer, maar het zal met minder moeten) of flauwe peptalk (wie-zoekt-die-vindt-wel-een-job). Dat klopt wellicht voor wie hoogopgeleid, niet te oud, erg flexibel en liefst ook mannelijk is. Dat klopt al minder voor wie laaggeschoold is, op leeftijd is, een niet-alleenstaande vrouw (gescheiden? Met kinderen?) is en gehinderd wordt door allerlei beperkingen van het leven. De Croo's sociale visie laat zich samenvatten als: wie fit is, komt eerst.
 
Natuurlijk vertelt een aantal specialisten inzake sociaal beleid en de arbeidsmarkt bij momenten een gelijkaardig verhaal als De Croo. Een arbeidsmarktspecialist als Jan Denys ergerde zich dat het hier geroemde IPA niets deed aan de selectiviteit, de niet-uitdoving in de tijd. Die kritiek herhaalde Denys recent in zijn lezenswaardige boek: Free to work. Voor een open en moderne arbeidsmarkt. Ook al hoef je niet met hem akkoord te gaan, Denys argumenteert stevig. Hij erkent dat onze werkloosheidsuitkeringen te laag zijn. Maar dat komt, zegt hij, omdat te veel mensen zonder beperking van het systeem blijven genieten.
 
Dat is zo. Al verdient dat ten eerste nuancering: sinds Miet Smet en zeker sinds Frank Vandenbroucke worden werklozen aardig 'geactiveerd'. En ten tweede contextualisering: onze niet-selectiviteit wordt geaccentueerd door de vele bruggepensioneerden.Ook De Croo wil het brugpensioen in stapjes doen uitdoven, en hij is niet de enige. In theorie valt daar wat voor te zeggen, zeker voor wie de activeringsgraad wil opkrikken. In de praktijk wordt dat al wat moeilijk bij het eerste bedrijf dat zijn werkvolk op straat zet. Stel dat dan het enige antwoord is van het bedrijf, alsook van de samenleving, aan al die plotse werklozen, hoe oud en laaggeschoold en verbitterd en weinig aangepast ook: sorry, maar jullie vliegen de werkloosheid in. Zonder bescherming, op een 'rugzakje' na dat De Croo belooft. Een knapzak, met wat boterhammen met kaas en een thermos koffie, voor even. Hebben al die theoretici al ooit één vijfenvijftigplusser die ineens zonder werk kwam, recht in de ogen gekeken?
 
Maar ook al lijken bepaalde opvattingen van een Jan Denys parallel te sporen met die van Alexander De Croo, toch bouwt Denys een intern coherent betoog op en kakelt De Croo maar raak. Alexander De Croo eist in hetzelfde gesprek méér selectiviteit en dan weer minder: hij vindt namelijk dat werkloze schoolverlaters meteen een uitkering moeten krijgen: in zijn beleving (hoe wereldvreemd is die kerel eigenlijk?) doen veel schoolverlaters nu niets liever dan hun hele 'wachttijd' vele maanden lang doelloos niksen, tot ze eindelijk hun eerste uitkering zullen krijgen. Hier gaat hij ineens wat aalmoezen uitdelen - om ze dan later sneller terug af te nemen.
 
Een paar weken terug, op een druk bijgewoonde studiedag aan de K.U.Leuven van Danny Pieters zijn Instituut voor Sociaal Zekerheidsrecht, was er bij de aanwezige sociale wetenschappers een ruime consensus tégen de wachtuitkering. Dat gebeurde vanuit de theorie van het sociaal contract: je behoudt de legitimiteit van het stelsel alleen als je toestaat dat mensen die er van 'genieten', op één of andere manier ertoe hebben 'bijgedragen'. Dus bijvoorbeeld niét schoolverlaters. Begeleid hen zo snel mogelijk naar werk, zorg dat ze in het systeem geraken, help hen zelf aan werk en houd zo het sociale systeem overeind.
 
Alexander De Croo maakt er een ratjetoe van. Hij wil een Scandinavisch model, op een ogenblik dat zo'n model eindelijk een beetje werd ingevoerd. Hij wil meer selectiviteit, maar gaat voor schoolverlaters de selectiviteit afvoeren. Hij wil het debat verrijken, maar verhoogt de ruis. Hij wil het land vooruithelpen, maar zet met zijn clichés de discussie weer vast. Hij hoopt er in eigen kring applaus voor te krijgen, maar stootte op zijn eigen partijbureau op veel scepsis. Hij is partijvoorzitter, maar lanceert voorstellen even lichtzinnig als een jongerenbestuur.
 
Voorlopig blijft de nieuwe Alexander De Grote nog altijd een De Croo junior.

mailIcon print | Meer bookmarks |
Aan het laden...

Jouw mening?

De beste reacties verschijnen in de krant

Aan het laden...