20/02/10, 08u22
Walter Pauli is politiek commentator van De Morgen.
-
Politici moeten naar verluidt niet veel te zeggen hebben in overheidsbedrijven, zeker niet als het goed gaat. Maar die politici treft wel altijd schuld als het fout loopt
Er is niet vreemds aan dat de treinramp in Buizingen echo's krijgt tot in de federale Kamer van Volksvertegenwoordigers. In het andere geval zou de Kamer doof en blind zijn voor wat er in het land gebeurt. En daar de NMBS tot de Belgische overheid behoort, is die Kamer dus ook de ultieme verantwoordelijke. Het Parlement als 'algemene vergadering' van de nv federale overheid, als het ware.
En het parlement reageert met de vraag om een onderzoekscommissie. Ook die vraag kwam er niet in een maatschappelijk vacuüm: al vanaf de eerste uren na de fatale crash werd de vraag gesteld naar 'verantwoordelijkheden'. Die zijn er op een niveau of drie, vier. Eén: de individuele machinist die de aanrijding veroorzaakte. Maakte hij al dan niet een menselijke fout?
Twee: het operationele tussenkader bij NMBS, NMBS-Holding en Infrabel. Zij die verantwoordelijk zijn voor de correcte werking van seinen en wissel, de concrete plaatsing van noodapparatuur, die beslissing om een welbepaalde locomotief in zijn huidige staat van paraatheid al dan niet op traject x te laten rijden. Drie: het NMBS-management. Vier: de minister van Mobiliteit of Openbare diensten. En dan gaan we nog even voorbij aan de mogelijke verantwoordelijkheid van de kamercommissie infrastructuur, van de verschillende raden van bestuur van de NMBS-componenten, en van de FOD Mobiliteit, dus van de bevoegde administratie. Hoe alert waren die?
BijltjesmanieHet is dus een ingewikkeld kluwen. En toch werd vanaf dag één nadrukkelijk gewezen naar 'de politiek'. Hoe luider de vox populi weerklinkt, hoe simpeler de roep. Een lezersbrief in een krant: "Onderzoekscommissie is onnodig, de politici zijn verantwoordelijk. Die verkwanselen het vele belastinggeld in plaats van er een veiligheidssysteem mee te kopen." In een andere krant: "Opdat een ramp zoals die van Pécrot nooit meer zou gebeuren, kondigde Etienne Schouppe in 2001 ingrijpende beveiligingsmaatregelen aan.
Negen jaar later blijkt dat dit loze woorden waren, die politici bovenhalen als de bevolking moet gesust worden." Dat Schouppe in 2001 geen politicus was maar afgevaardigd bestuurder van de NMBS, wordt genegeerd.
En die bijltjesmanie slaat door naar het parlement. Alain Destexe (MR), de meest hanige van alle populisten in het parlement, riep al om het ontslag van bevoegde ministers. Die heeft een onderzoekscommissie alleen nodig als Belgische variant op het Berlijnse volksgerechtshof van zijn tijd: de zitting mag zijn beloop wel kennen, het antwoord op de schuldvraag staat voor hem toch al vast.
Treft 'de politiek' schuld, en hoeveel? Wat de organisatie van de politieke verantwoordelijkheid betreft, ziet het er inderdaad niet bijster goed uit. Alleen al het feit dat de NMBS de laatste tien jaar tijd zeven voogdijministers of -staatssecretarissen kende: Isabelle Durant (Ecolo, 1999-2003), Laurette Onkelinx (PS, 2003) - zij wordt vaak vergeten in de lijstjes, maar ze nam over toen Durant kort voor de verkiezingen van 2003 ontslag nam -, Johan Vande Lanotte (sp.a, 2003-2005), Bruno Tuybens (sp.a, 2005-2007), Inge Vervotte (CD&V, 2007-2008), Steven Vanackere (CD&V, 2008-2009) en nu weer Inge Vervotte (CD&V, 2009-heden). Als symbool voor de discontinuïteit van het beleid kan die galerij tellen. Zeker omdat de NMBS niet alleen een groot maar ook een complex en uiterst technisch bedrijf is - sinds de splitsing in NMBS-Holding (personeel, stations, coördinatie), NMBS (vervoer) en Infrabel (infrastructuur) met een niet evidente structuur, geleid door overheidsmanagers van verschillende kleur en met andere inzichten. Jannie Haek (sp.a, NMBS-Holding), Marc Descheemaecker (Open Vld, NMBS) en Luc Lallemand (PS, Infrabel). Het moet een slimme, vasthoudende en vooral machtige politicus zijn die dit geheel in de pas kan doen lopen, laat staan kan (bij)sturen naar zijn inzicht.
Bruno Tuybens riep ooit de top drie van de NMBS op zijn kantoor om ze de levieten te lezen: de reiziger moest terug centraal staan - een mega-organisatie als de NMBS heeft héél vaak de neiging om bij het uittekenen van het beleid niet de reiziger (of de goederen) als uitgangspunt te nemen, maar de eigen organisatie. Maar er kwamen verkiezingen, en na geen twee jaar in functie kon Tuybens gaan. Haek, Descheemaecker en Lallemand bleven.
Bovendien zijn de critici van 'de politiek' doorgaans ook de eersten om 'de politiek' op zijn plaats te zetten, en liefst in hun hok te jagen. Grote, gespecialiseerde dochters van de overheid zouden namelijk geleid moeten worden door managers, niet door politici. Dat gebeurde met De Post, in zeer verregaande mate bij Belgacom, dat zou op Vlaams niveau een feit moeten zijn bij de Lijn of de VRT, en dat was toch ook het model bij de NMBS.
The powers that beNatuurlijk is er iets voor te zeggen. Natuurlijk moeten politici zich niet bekommeren om de voorrang bij het aanvragen van een telefoonverbinding, zoals toen Belgacom nog de RTT was, of moet het parlement debatteren over het te kleurrijke taalgebruik in één of andere feuilleton van de openbare omroep, zoals slag om slinger gebeurde toen het Vlaams Parlement nog 'Vlaamse Raad' heette en de VRT nog BRT(N). En dat technische beslissingen aan technici worden overgelaten: het zal wel.
Maar het debat is door- en vervolgens op hol geslagen. Bij elke grote discussie tussen de raad van bestuur en het management van de VRT wordt er in het Huis van Vertrouwen geroepen dat "de politiek haar greep verstevigt". Terwijl het eigene van een openbare omroep erin bestaat dat de openbare aandeelhouder de strategie grondig kan doorspreken van welke openbare instelling dan ook - dat is nog iets anders dan van de VRT weer een halve administratie maken, want dan is 'de politiek' ook operationeel bezig.
Bij de NMBS verloopt een gelijkaardig debat. 'De politiek' is daar verregaand teruggedrongen uit de feitelijke beslissingen. Een station sluiten, of in een van de belangrijke stations (zwaar) investeren, dat zal nog wel doorgepraat zijn met politici. Maar discussies over prijsbeleid, stiptheid en dergeljke, dat kost de gemiddelde ministers 'blood, toil, tears, and sweat'. Zeker als ze de NMBS-leiding wil overtuigen dat de politieke prioriteiten voorrang hebben op die van de spoorwegmaatschappij.
Nooit kwam dat duidelijker tot uiting als toen Isabelle Durant tijdens Verhofstadt I een jarenlange oorlog aanging met NMBS-topman Etienne Schouppe. Vier jaar geleden al schreef onderzoeksjournalist Paul Huybrechts een magistraal boek, 'Een jaar in het spoor van Karel Vinck' over het complexe spel tussen de politici en the powers that be in de NMBS. Al in juni 2006, dus bijna vier jaar voor de ramp van Buizingen, vatte deze krant Huybrechts conclusies als volgt samen:
"Voor een bevoegde minister is er maar één mogelijkheid. Ofwel begrijpt die dat de NMBS haar eigen wetmatigheden heeft, haar regels en cultuur, en dan wordt hij gedoogd - de NMBS doet dan toch min of meer haar zin. Ofwel begrijpt die dat niet, en dan maakt men dat duidelijk. Wat telt, is dat de NMBS-leiding de voogdij wil uitoefenen over de voogdijminister, in plaats van omgekeerd."
Misschien zou ook dat een conclusie kunnen zijn - minder bloederig dan lieden als Destexhe voor ogen hebben, maar beter voor het land en voor de NMBS (of de VRT, of noem maar op): de politiek neemt méér haar verantwoordelijkheid op over de strategische keuzes. Ze worden daarop toch afgerekend - kijk maar naar de waanzin rond de BAM: alsof een maatschappij bevolkt door technocraten de legitimiteit zou hebben om het Antwerpse mobiliteitsvraagstuk te bepalen? Technocraten moeten zich bezighouden met dat waarin ze goed (zouden moeten) zijn: technocratie. Niet met beleid, strategie, politiek.
Want nu zitten we in een situatie waarin 'de politiek' amper verantwoordelijkheid kan of mag opnemen, of bevoegde ministers worden weggehoond, maar waar als het even ze wel de zwarte piet toegespeeld krijgen. Als para's in Rwanda sneuvelen: eerst kijkt men naar politici, pas dan naar militairen. Als er files staan wegens sneeuw, mag Hilde Crevits het uitleggen. Als Opel zijn Antwerpse vestiging sluit, heet dat een nederlaag voor Kris Peeters. En dus is het logisch dat, als de treinen botsen, de politici spitsroeden lopen. Politici moeten naar velruidt niet veel te zeggen hebben in overheidsbedrijven, zeker niet als het goed gaat. Maar als het fout loopt, zijn zij wel de eerste verantwoordelijken. Het is een visie op 'politieke verantwoordelijkheid' die getuigt van een behoorlijk onverantwoord klimaat.