19/02/10 06u45
Over de echte oorzaak van de treinramp in Buizingen, die aan minstens achttien mensen het leven kostte, blijft tot nader order onduidelijkheid bestaan. Maar zelfs al zou blijken dat een treinbestuurder in de fout ging, dan nog ligt de verantwoordelijkheid hogerop, meent Staf Henderickx. Staf Henderickx is 35 jaar huisarts in Lommel en auteur van het boek Dokter, ik ben op. Over werkstress, recent uitgegeven bij EPO.
-
Onregelmatige en te lange werkuren en een gebrek aan ervaring geven aanleiding tot meer werkstress en meer vermoeidheid
Bij grote rampen zoals de treinramp van Buizingen borrelen honderden vragen over de oorzaken van zulke rampen naar de oppervlakte. Waarom is er nog steeds geen veiligheidssysteem? En wie is de schuldige? De NMBS? De bevoegde ministers? Europa? Of is het een menselijke fout?
Dat laatste lijkt het beste scenario voor een doofpotoperatie. Eén persoon, één treinbestuurder die zwaar in de fout gaat en die beladen met alle zonden van de wereld de woestijn in gestuurd kan worden. Maar ook individuele menselijke fouten vallen vaak niet uit de lucht. Bij grote trein-, vliegtuig- en scheepsrampen bleek de factor oververmoeidheid een cruciale rol te hebben gespeeld. En oververmoeidheid bij werknemers is een klacht die ik meer en meer in mijn consultatie van huisarts tegenkom. Wij dokters mogen niet alleen blijven stilstaan bij de klacht, maar moeten ook mee zoeken naar oorzaken en dus oplossingen. Eén van onze grootste bevindingen was dat werkstress en oververmoeidheid te wijten zijn aan de steeds toenemende werkdruk. Het opgedreven werkritme, de repetitieve handelingen, de onaangepaste en lange werktijden liggen mee aan de basis van werkstress.
Amerikaanse toestandenIn mijn studiewerk ben ik echter vertrokken van de concrete ervaringen in de consultatie. Eén van de geïnterviewde werknemers, Ludo, is een treinbestuurder met hartritmestoornissen. Het interview getuigt van zijn enorme liefde voor het vak van treinbestuurder, maar legt ook pijnpunten bloot van de herstructureringen bij de NMBS in het laatste decennium. Personeelstekort is verantwoordelijk voor meer overuren, meer reserve-uren en minder pauzetijd tussen de ritten.
Treinen rijden dag en nacht, en dat zorgt automatisch voor onregelmatige werkuren. Een studie van Cox (1984) bij het Brits spoorwegpersoneel registreerde vooral klachten van maagpijn, slaapstoornissen en vermoeidheid. Een studie van Dekker (1993) wees uit dat treinbestuurders met onregelmatige werkuren meer koffie drinken, minder slapen en vlugger neerslachtig zijn dan die met regelmatige posten.
Naast onregelmatige uurregelingen werken ook te lange werktijden vermoeidheid en dus gedaalde concentratie in de hand. In het gesprek met Ludo legt hij uit dat ze maximum 9 uur aan één stuk mogen doorwerken, maar door omstandigheden kan dat soms ook een stuk langer uitvallen. Aan de hand van metingen van het elektro-encefalogram bij treinbestuurders constateerde Cabon (1993) een groot aantal dips in de waakzaamheid bij treinbestuurders. Een derde en nieuw probleem, volgens Ludo, is de beperkte opleiding van de treinbestuurders. Ook hier zit er door de herstructureringen en de vergrijzing bij de NMBS veel druk op de ketel om de jonge bestuurders vlug alle verantwoordelijkheid te geven. Daar komt bij dat sommige jonge treinbestuurders er een tweede job op nahouden, wat de kansen op vermoeidheid en dus fouten nog vergroot. Met de zoektocht naar een tweede job evolueren we trouwens ook bij ons meer en meer in de richting van Amerikaanse toestanden.
Onregelmatige en te lange werkuren vormen samen met een gebrek aan ervaring een gevaarlijk mengsel dat aanleiding geeft tot meer werkstress en vermoeidheid. Beide storen de concentratie en verhogen dus de kans op fouten en dus ongevallen. Zo krijgt de menselijke fout van één individu een zware maatschappelijke betekenis. Daardoor is ook de fout van één individu niet te herleiden tot enkel zijn verantwoordelijkheid. Ze is de verantwoordelijkheid van de werkgever, het management en in dit geval de organiserende overheden, de Belgische en de Europese.
Overheid speelt grote rolWerkstress en oververmoeidheid zijn geen modeverschijnsels of geen managersziekten. Ze zijn in grote mate het gevolg van de intrede van het Taylorisme in de privésector nu ook in de dienstensectoren zoals het transport, de post, de communicatiesector, enzovoort. Elke handeling wordt gechronometreerd en bestudeerd om ze te herleiden tot haar essentie in tijd, mede dient ze als basis van herstructureringen en inkrimpingen van het personeelsbestand. Deze evolutie en haar nefaste gevolgen is ook de Wereldgezondheidsorganisatie niet ontgaan. In haar strategische rapport van 2007 met als titel Werkomstandigheden en ongelijkheden in gezondheid legt ze de vinger op de wonde van de nieuwe stresserende werkorganisaties. Dat indrukwekkende rapport, samengesteld door 90 internationale experts en 20 instituten, formuleert als één van haar aanbevelingen: "De overheid speelt een bepalende rol in de gezondheidstoestand van zijn werknemers, aangezien niet kan verwacht worden dat de markt zelf de werkgelegenheid en de werkomstandigheden eerlijk kan reguleren, vermits ze dat niet tot haar objectieven rekent."
Als huisartsen willen we bij elke raadpleging van een patiënt door ondervraging en onderzoek een diagnose stellen om zo de ziekte te kunnen behandelen. Maar beter dan een infarct behandelen, is het infarct helpen voorkomen. Het treinongeval in Buizingen is verantwoordelijk voor een zee van verdriet en ellende in vele families. Het moet kunnen dat het mee de aanleiding vormt voor een dieper onderzoek, behandeling en preventie van de problemen van de treinbestuurders. Alleen een open geest kan nieuwe ongevallen voorkomen.