Aanhoudende berichten over de desastreuze staatshuishouding hebben het vertrouwen in Griekenland pijlsnel doen kelderen. Speculatie met Grieks staatspapier zorgt er intussen voor dat het land een veel hogere rente moet betalen op zijn staatsschuld. 'Zelfgenoegzaamheid is voor ons niet gepast', waarschuwt Ivan Van de Cloot, hoofdeconoom van het Itinera Institute, een onafhankelijke denktank voor duurzame economische groei en sociale bescherming.
Een verenigd werkgeversfront liet vorige week weten dat zonder maatregelen voor de concurrentiepositie België 'Griekenland aan de Noordzee' dreigt te worden. Het opmerkelijke is dat nu opeens Griekenland van stal wordt gehaald als doembeeld, terwijl tot voor kort deze bedenkelijke eer aan andere landen werd toebedeeld. Als we kijken naar een maatstaf voor het concurrentievermogen dan stellen we vast dat sinds 1991 Griekenland 6,5% van zijn aandeel op de internationale afzetmarkten verloren heeft, tegen 23% voor België en 38% voor Italië. Het is dan ook logischer om te dreigen met het beeld dat we riskeren Italië aan de Noordzee te worden als we willen benadrukken dat we pluimen verliezen op het vlak van concurrentiekracht (maar misschien klinkt dat voor sommigen juist aantrekkelijk.)
De reden waarom Griekenland zo slecht scoort in de media heeft echter minder te maken met de concurrentiepositie dan wel met de dramatische ontwikkeling van de overheidsfinanciën. Met een begrotingstekort van bijna 13% van het nationaal inkomen zwelt de overheidsschuld in een recordtempo aan. Bovendien heeft Griekenland een geloofwaardigheidsprobleem omdat het al meerdere keren vervalste cijfers over het financiële huishouden heeft overgemaakt aan de Europese waakhond. Het gevolg is dan ook dat het land twee keer zoveel rente moet betalen om de overheidsschuld nog gesleten te krijgen. Hierdoor zakt de waarde van ouder Grieks overheidspapier, wat heel wat buitenlandse investeerders een kater oplevert. De speculanten hebben dan ook duidelijk bloed geroken.
Geen gratis geld meer
Een aantal jaren geleden polsten hefboomfondsen bij Belgische analisten of ze geld konden verdienen aan de Belgische politieke crisis. Vandaag houden ze zich vooral bezig met de Griekse crisis.
Toch is zelfgenoegzaamheid voor ons niet gepast: speculanten richten zich steeds eerst op de zwakste prooi en België komt nu ook niet zover na het rijtje van de Club-Medlanden in het vizier. Het kan immers snel keren. Vorige week maandag reageerde de markt nog opgelucht omdat de Griekse overheid 8 miljard aan schulden kon slijten aan een extra kostprijs van 350 basispunten (3,5 procent).
Maar toen enkele dagen later bleek dat het land geen mandaat had gegeven aan Goldman Sachs om in Azië investeerders te zoeken voor het Griekse schuldpapier, nam de speculatie opnieuw in hevigheid toe.
Op zich is het een goede zaak dat op dit moment de financiële markten extra risicopremies eisen van landen met een geloofwaardigheidsprobleem. Indien dit ook het geval was geweest vóór de crisis dan hadden analisten een sterke medestander gekend, omdat zij er toen voor waarschuwden dat veel te weinig inspanningen werden gedaan om in goede economische jaren begrotingsoverschotten te boeken in de financiële markt. Helaas wordt de kortzichtige markt pas wakker als het onheil al geschied is.
Het stond uiteraard in de sterren geschreven dat nadat de banken gered moesten worden door de staten, deze zelf vervolgens in de financiële problemen zouden komen. Alleen al in Europa moeten de overheden dit jaar voor 2.200 miljard nieuwe leningen aangaan, met België als belangrijkste ontlener (86,8 miljard euro), relatief gezien tegenover de schaal van zijn economie.
Dan wordt het wel héél erg opletten voor de evolutie van de rente. Als blijkt dat de middelen die de overheden in de hele wereld extra nodig hebben omwille van de crisisuitgaven de geldmarkt onder druk zetten, dan is het wel zeker dat de tijd van het bijna gratis geld voorbij is. In de Verenigde Staten circuleren prognoses van het Witte Huis dat de rentebetalingen op overheidsschuld meer dan kunnen verdrievoudigen. Amerika kan echter zijn staatsschuld in belangrijke mate 'monetiseren' doordat de centrale bank extra geld drukt. De Europese Centrale Bank lijkt echter in het geval van Griekenland deze optie niet te willen bieden. Hiertoe zou de ECB immers ook lagere kwaliteit van Griekse overheidsschuld moeten blijven accepteren als onderpand voor nieuwe geldcreatie en daar lijkt ze niet toe bereid.
Hoe het Grieks drama zal aflopen, is nog niet zeker. Als een land terugbetalingsproblemen ondervindt, wendt het zich normaal tot het Internationaal Muntfonds voor bijstand. Dit is helemaal niet zo uitzonderlijk, zoals Hongarije, Roemenië, Letland en IJsland recent nog hebben getoond. Het verschil is echter dat Griekenland deel uitmaakt van de eurozone en er in dit geval door de Europese instellingen enorm gezichtsverlies wordt geleden omdat het haar eigen interne problemen niet kan oplossen.

© De Persgroep Digital - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in Nederland www.volkskrant.nl.