De tussenstand: Jean-Marie Dedecker en de knulletjes

30/01/10, 08u50

Een nieuwe invulling van de letters van de partijnaam zal LDD geen tweede adem bezorgen, voorspelt Walter Pauli, politiek commentator van De Morgen. Maar is het begin van het einde.

  •  Misschien speelt LDD nog een verkiezing of twee mee, maar veel langer niet meer. Zonder Jean-Marie Dedecker overleeft geen Lijst Dedecker, en ook geen ander LDD  
  •  Denkt Verstrepen echt dat de kiezer LDD naar het parlement stuurde om zijn inbreng?  
Het is dus definitief gedaan met Lijst Dedecker, oftewel LDD. Deze week stelde Jean-Marie Dedecker immers zelf voor om zijn lijst een andere naam te geven. "Mijn naam kan niet voor eeuwig en altijd verbonden zijn aan de partij." Natuurlijk was Jürgen Verstrepen er als de kippen bij om te pleiten voor "een nieuwe naam" en natuurlijk "een nieuwe look". Terwijl hij toch eens zou mogen beseffen dat de kiezer één reden had om voor LDD te stemmen: omdat hij zich herkende in de stijl en de boodschap van de politicus Dedecker. Of denkt Verstrepen echt dat de kiezer LDD naar het parlement stuurde om zijn inbreng? Of om het programma van professoren als Boudewijn Bouckaert en Lode Vereeck? Kom kom. Hoeveel LDD-kiezers zouden het partijprogramma gelezen hebben? Hoeveel Vlamingen liggen wakker van het gevit in de commissie Media van het Vlaams Parlement? Ernstig wezen, alstublieft.

Als Jean-Marie Dedecker voorstelt dat zijn partij van naam moet veranderen, betekent dat niet minder dan dat hij bezig is aan de eerste ronde van een ongetwijfeld lange afscheidstournee in zijn eigen formatie. Dat gaat nog vonken geven - we voorspellen het hier - want zowel Dedecker als het gros van zijn achterban zijn lieden die in het verleden zijn vertrokken bij andere partijen, met alle wederzijdse kwetsuren die daar bij kwamen kijken. De bitterheid van Dedecker over de wijze waarop hij uit Open Vld werd geknikkerd, de ranzige afrekening van Jürgen Verstrepen met zijn oud-partijleden toen hij zelf het VB verliet, de vaudeville van Dirk Vynck tussen LDD en Open Vld, de defenestratie die LDD'er Peter Reekmans in een vorig leven onderging toen de VLD-Jongeren hem buiten werkten: dat allemaal dreigt zich te herhalen, en nog veel heviger. Want geen mens die gelooft dat de uiterst lage score van LDD bij de nochtans niet altijd even meticuleuze peiling van Le Soir niets te maken heeft met de aankondiging van Jean-Marie Dedecker.

Dedecker zal terecht opmerken dat hij al langer met het idee speelde om minder centraal te staan in zijn eigen beweging, en dat klopt. Maar wat een gezonde 'democratische' reflex zou kunnen zijn, is tegelijk het buikgevoel dat het amen en uit is. Als Dedecker zichzelf recht in de ogen kijkt, weet hij dat ook wel.
 
Buzz
Zo gaat dat soms. LDD brak in 2007 zeer onverwacht binnen in de federale kamer. Het jaar 2008 leek een Olympisch 'citius altius fortius': sneller, hoger en sterker. Althans, in de peilingen. Want een winnaar lokt aan. Nieuw volk, in de eerste plaats. Met drommen stonden ze klaar, ontevredenen van andere partijen, academici die op een wier zaten, BV's van alle gewichtsklassen, maar vooral de lagere. Naar eigen zeggen heeft Dedecker nog hopen mensen moeten weigeren, en dat kunnen we best aannemen. En die buzz leidt ertoe dat mensen bij polls gemakkelijk zeggen dat ze volgende keer ook op Lijst Dedecker zullen stemmen.

Dedecker is niet de eerste die in het jaar één na de verkiezingswinst nog hoger getild wordt (of de indruk heeft dat hij hogerop raakt) door het bedwelmende succes van de polls. In januari 2004 - lees de kranten van toen erop na - stond het kartel sp.a-spirit van Stevaert afgetekend aan kop als de grootste partij van Vlaanderen. Een paar maanden later, bij de echte verkiezing van 2004, was sp.a-spirit de vierde formatie, na CD&V-N-VA, VB en VLD. Nu maakt Bart De Wever dat ook mee, lijkt er geen stoppen aan de vlucht voor N-VA. Tensminste, in de polls lijkt dat zo. Nog tot volgende verkiezingen afwachten of dat ook werkelijk zo is.
 
LDD maakt het omgekeerde mee. In vergelijking met de verwachtingen werd géén tien procent gehaald. En omdat een partij als LDD één en al bestaat uit verwachting, aspiratie en imponeren ("hou me tegen of ik doe u iets aan", "pas maar op of we halen van elk stinkend potje de deksel"), komt die schok dubbel zo hard aan. Men doet nog wel zijn best om de moed erin te houden, maar iedereen die eerlijk en verstandig is, ziet dat het voorbij is. Niemand heeft nog schrik van LDD, en ook niet meer van Jean-Marie Dedecker.

Natuurlijk probeert men dat onheil in een eerste fase af te wentelen door geforceerd een goednieuwsshow te verzorgen. De eerste druk van Dedeckers boek Hoofddoek of blinddoek? was binnen de kortste keren uitverkocht: 10.000 exemplaren over de toonbank. Dat leek op het oude succes van Rechts voor de raap, met 38.000 verkochte exemplaren nog altijd het best verkochte politieke boek in Vlaanderen. Maar terwijl destijds wekelijks een zegebulletin kwam, nog zoveel boeken erbij, en nog, en nog, hoorde men nu na de eerste trompetstoten amper wat van zijn werk. En ook de auteur zelf raakt amper in de belangstelling.
 
Centen en principes
Misschien is het verhaal ook op. Misschien vallen de contradicties die er altijd al waren nog meer op. Zoals dat zootje waarbij LDD zich deze week nog in het Europees Parlement aansloot: de fractie van 'Conservatieven en Hervormers'. Nooit zo'n contradictie gehoord. Dat is even nonsensikaal als 'de fractie van atheïsten en rooms-katholieken' of van 'stalinisten en libertariërs'. Misschien dat Jean-Marie Dedecker zich als een hervormer ziet, en zijn euromannetje Derk Jan Eppink als een conservatief. Maar de gemeenschappelijke noemer is toch: een zootje ongeregeld.

Libertariër Dedecker zit in één fractie met de lieden van de Christen-Unie. Dat is de vrome en hoogst respectabele partij van André Rouvoet, een godsvrezende club die over homo's en de verhouding kerk-staat en het gros van de bio-ethische thema's - toch niet onbelangrijk in het Europees Parlement - opvattingen huldigt waar een Dedecker van gruwt. Christen-Unie doet zijn uiterste best om niet rabiaat homovijandig over te komen (dat zou in Nederland al te schadelijk zijn), maar het is maar de vraag of homo's actief kunnen zijn in de partij, want een speciale commissie toetst nog altijd of de kandidaat-politici in hun levenshouding 'aanspreekbaar zijn op de Bijbel als het Woord van God'. De kans is groot dat Derk Jan Eppink daar geen graten in ziet, maar het is maar de vraag hoe Jean-Marie Dedecker zijn naam wil verbinden aan zo'n club. Behalve natuurlijk als centen belangrijker zijn dan principes: als LDD géén lid is van een fractie loopt de partij natuurlijk aardig was duiten mis (en spreektijd, faciliteiten, enzovoort).
 
Maar ook voor de buitenstaander wordt het stilaan zonneklaar dat dit amper een 'partij' is die naam waardig. Men doet maar wat op, men roept en klaagt aan. En dan? Discussiëren over een naamsverandering: dat is dus niet met de kiezer of de samenleving bezig zijn, maar met jezelf. En met jezelf bezig zijn is steevast de voorbode van slecht nieuws: toen CVP zo nodig CD&V moest worden, toen VLD zichzelf geheel overbodig presenteerde als Open Vld, toen de sp.a godbetert een discussie losweekte over de eigen baseline (sociaal progressief alternatief? Socialisten en progressieven anders?) Wat gaat het nu worden? Liberaal en Democraat, so what? Komt kijken naar de nieuwe look and feel die Jürgen Verstrepen in LDD zal steken, zonder Jean-Marie Dedecker.
 
Politiek ideaal
En zo zal ook bij LDD blijken dat het een momentumpartij was. Goed voor één stevige schok. Als Jean-Marie Dedecker in één zaak mislukte, dan in zijn ambitie om een volwaardige, levensvatbare rechts-liberale partij uit de grond te stampen. In Nederland had dat gekund, in een land met een kiesstelsel waar ook zeer kleine partijen ongestoord een paar zetels in de Tweede Kamer bezetten. Maar in Vlaanderen leeft elke partij die niet structureel boven de tien procent stijgt, permanent in de gevarenzone van de kiesdrempel. Vraag het maar aan Groen!
 
Een partij van een kleine tien procent kan maar overleven als ze wordt gedragen door een politiek ideaal, met een kader van mensen die voor de verwezenlijking van dat idee willen gaan, en blijven gaan. Groen!, voorheen Agalev, heeft in haar dertigjarig bestaan maar een keer of twee de kaap van de tien procent overschreden (ooit bij een Europese verkiezing, en bij de legendarische stembusgang van 1999: de grote inschattingsfout - maar wie zal hen het kwalijk nemen? - van het toenmalige Agalev was dat men dacht dat dit een logische stap naar boven was). Wat is het ideaal van LDD? De stal uitmesten? Heeft iemand types als Derk Jan Eppink of Jürgen Verstrepen als eens ooit de mouwen zien opstropen?
mailIcon print | Meer bookmarks |
Aan het laden...

Jouw gedachte?

De beste gedachten verschijnen in de krant

Aan het laden...
<spring:message code='commonMessages.loading' />