16/01/10, 09u41
Walter Pauli is politiek commentator voor De Morgen.
-
Er dringt zich een prestatie à la Dehaene op, en het is maar de vraag of Vanhengel of wie dan ook van de regering tot dergelijk soldeerwerk in staat is
'Op één week tijd heeft men de begroting laten zitten waar ze zat en de staatshervorming een beetje achteloos losgelaten. En dat als nieuwjaarscadeautje voor de bevolking.' Walter Pauli klaagt de politieke inertie aan in de eerste weken van het nieuwe jaar.
Hoera hoera hoera. Zelden zo'n joyeuze mededeling van een regeringslid gehoord de jongste jaren dan dinsdag het geval was met Guy Vanhengel, vicepremier voor Open Vld en beroepshalve ook nog minister van Begroting. "Het gat in de buizen is gedicht. Nu nog het gat in de begroting." Met zijn breedste glimlach verklaarde de 'Ket' immers waarom hij, als minister van Begroting, niet aanwezig was op de lang aangekondigde persconferentie van de regering over de federale begroting. Hij was die ochtend namelijk gestoten op een gat in de gasleiding van de eigen woonst, en in de huidige politieke cultuur primeert zulks op een persconferentie die wel lang verwacht was, maar niet spectaculair. Het spectaculaire, en dus het nieuwswaardige, was niet de logisch aan-, maar de afwezigheid van de minister van Begroting, nota bene bij de uitleg over die begroting.
Voor het dichten van het gat in de begroting leken er anders competentere loodgieters nodig dan de werkmannen die bij de Vanhengels in Evere de gasleiding kwamen dichten. Want er dringt zich een prestatie à la Dehaene op, en het is maar de vraag of Vanhengel of wie dan ook van de huidige regering tot dergelijk soldeerwerk in staat is.
'Dehaene' is meer dan een kolossale metafoor. Wie de begrotingscijfers ontleedt, krijgt het kille gevoel dat de klok meer dan vijftien jaar is teruggedraaid, dat er dus meer dan een decennium aan beleid verloren is. Paars gaat daarin niet vrijuit. Maar paars hoort sinds medio 2007 tot de geschiedenis, dus ook de winnaars van de verkiezingen ná paars (2007 en 2009) - MR en CD&V, in mindere mate Open Vld en N-VA - hebben boter op hun hoofd. Vooral omdat de kredietcrisis vanaf de herfst van 2008 toesloeg en de meeste regeringsleden in hun verklaringen vooral de indruk wekken dat anderhalf jaar later de ernst van de situatie nog niet helemaal tot hen doorgedrongen is. Misschien wel een beetje, maar een kwinkslag moet er nog altijd van afkunnen niet?
Misschien is het wel tijd voor een beetje ernst. Kijk alleen naar de cijfers die in Vanhengels afwezigheid werden voorgesteld. Door, o ironie van de geschiedenis, drie Franstalige regeringsleden: de vicepremiers Didier Reynders en Laurette Onkelinx, en staatssecretaris van Begroting Melchior Wathelet junior: bij slecht-weer-nieuws zijn het vandaag de Vlamingen die collectief verstek laten gaan. Hun verhaal was weliswaar al bekend maar klonk daarom niet minder grimmig: het tekort van de federale begroting bedraagt 5,9 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Op elke euro die wij Belgen aan goederen en diensten produceren, wordt er dus vijf cent te veel uitgegeven. Samen maakt dat een tekort van 338 miljard euro. Bij de opmaak van de begroting 2009 mikte de regering nog op een evenwicht. Maar uiteindelijk 'landde' Leterme II op een tekort op die 5,9 procent van het bbp. In 2008 was er ook al een tekort van 1,2 procent van het bbp. Volgens de agenda's van de vergrijzingscommissie hadden we een paar procenten overschot nodig om de pensioenen te kunnen blijven betalen. Goed dat Guy Vanhengel niet aanwezig was, of we hadden hem een paar vervelende vragen kunnen stellen.
Oeps? Is de federale regering alweer spilzuchtig geweest. Heeft Vanhengel niet alleen een gat in zijn keel - nog een pintje voor de Ket! - maar ook in zijn hand? Niet echt. De federale regering gaf zéker niet te veel uit. De zogenaamde primaire uitgaven (de uitgaven die de regering werkelijk doet voor het bestuur en beheer van het land, zonder de rente op de staatsschuld mee te tellen) daalden zelfs met 0,2 procent.
Het probleem ligt elders, bij de inkomsten. Een mens zou kunnen voorstellen om het adjectief 'tegenvallende' te laten opnemen in Van Dale als vast epitheton bij 'inkomsten'. De fiscale inkomsten daalden vorig jaar zelfs met 8,2 (!) procent. Didier Reynders krijgt dat dit jaar uitgelegd met een verwijzing naar de economische crisis.
Gevolg van al het voorgaande: het tekort groeit. De staatsschuld stijgt. In één jaar tijd met 13,5 procent, zodat we weer terug zitten op 97,9 procent. De paarse regeringen werden gematrakkeerd daar zij onvoldoende gebruik maakten van de tijden van hoogconjunctuur om de schuldratio naar beneden te duwen. Maar die ging wel naar beneden (zij het bijna vanzelf). Vandaag springt die weer met stip naar boven.
Met als gevolg: de kredietwaardigheid van België (en andere EU-landen) staat in de gespecialiseerde pers ter discussie. The Financial Times rekende voor dat de schuldratio van Europese staten groter was dan die van de grote private compagnieën en ondernemingen. Wat leidde tot een zogenaamd 'logisch' advies: parkeer uw geld toch niet bij de overheid. Investeer weer in de grote privé-bedrijven.
Dat grenst aan de oplichting. De overheden zijn immers minder kredietwaardig geworden omdat ze sinds oktober 2008 met zijn allen miljarden pompten in de banken. Onfatsoenlijk veel geld, maar de regeringen konden niet anders, want als de banken overkop zouden gaan, was de individuele, sociale en economische rampspoed amper op te lijsten. Máár: juist omdat de staten zo uitzonderlijke diep in de portemonnee tastten om privébedrijven als de banken te helpen, is hun kredietwaardigheid gezakt. En juist daarom zeggen beleggers nu: 'Investeren in staatspapier is véél minder rendabel dan in grote ondernemingen.'
Dus de beleggers hebben, via het spel van de beurs, privéondernemingen - banken voorop - mee op hun avonturistische koers gejaagd die voor de economische crisis zorgden. Maar omdat de bedrijven die te veel risico's namen desondanks bedrijven blijven - bron van tewerkstelling en welvaart, en in het geval van de banken ook een motor van de economie - hebben de overheden al te veel miljarden moeten investeren in die bedrijven. Ze hadden amper keus. Nu krijgen ze voor die geste het deksel op de neus. Want nu zeggen financiële analisten dat de overheden - die hun geld aan de bedrijven gaven - wat te veel schulden hebben, en dat het dus veiliger en beter is te investeren in bedrijven, want dat die hun financiële plaatje intussen aardiger oogt. Cynischer kan amper.
Maar Vanhengel komt met een kwinkslag weg.
Niet dat de begroting hem persoonlijk moet aangeweven worden. Maar net zoals Stefaan De Clerck als eerste geviseerd wordt bij een falend justitiebeleid, mag Vanhengel stormwind krijgen bij een kreupele begroting. It's nothing personal. It's strictly business.
Vanhengel weet ook wel dat er dringend iets moet gebeuren. Daarom ook dat hij al aankondigde dat hij de felle opmerken van de Hoge Raad van Financiën ter harte zal nemen en er tegen de zomer een herziening van de begroting komt. Daarom vooral dat hij liet weten dat hij "rekent op álle niveaus om de staatsfinanciën opnieuw toonbaar te maken." Dat is Vanhengelees om te zeggen dat ook de deelregeringen flink een duit in het zakje mogen doen. Vlaams minister-president Kris Peeters had de begrotingsminister nochtans het weekend voordien al in een rist interviews laten weten waar hij dat ideetje mocht steken, namelijk daar waar de zon niet schijnt. In het gat van de staatskas.
Omdat we zo bij de staatshervorming beland zijn. Ten gronde heeft Vanhengel namelijk gelijk: de federale overheid alleen kan de financiële belasting van de economische crisis op de overheidsfinanciën niet alleen dragen. Maar de Vlaamse regering doet niet 'gratis' mee. Ze wil een nieuwe en meer ordentelijke financieringswet - en ook daarvoor is veel te zeggen, want het huidige systeem is op termijn onhoudbaar.
Maar zo'n financieringswet moet deel zijn van een staatshervorming. En laat precies die staatshervorming de voorbije weken opgegeven zijn. Eerst door Yves Leterme, die er geen meer hoeft - eerst de economische relance, via een vroom samenwerkingsfederalisme, dan de staatshervorming. Dan door Kris Peeters, die in theorie nog wel wil maar in de praktijk achterover leunt en naar de Franstaligen kijkt. En naar Dehaene. Tenslotte zelfs door Bart De Wever, die vreest dat een staatshervorming die dit jaar nog zou gestemd wordt, niet half zo ver gaat dan hij zou willen. Die beseft dat hij in dat geval mogelijk een jaar of tien zal moeten wachten op een nieuwe staatshervorming, als er nog één zou komen (als de financieringswet rond zou komen, bijvoorbeeld, zou veel nooddruft wegvallen. Dan kan hij de Maddens-doctrine nog aan Bart Maddens slijten, maar niet meer aan het land). En sowieso wil de N-VA graag naar de verkiezingen zonder staatshervorming. Dan lijkt het alsof CD&V haar woord gebroken heeft, en niét de N-VA.
Electoraal gehijg in de nek
Dus op één week tijd heeft men de begroting laten zitten waar ze zat en de staatshervorming een beetje achteloos losgelaten. En dat als nieuwjaarscadeautje voor de bevolking, in de eerste maand van een zeldzaam jaar zonder verkiezingen. In 2011 zijn het weer federale verkiezingen, in 2012 gemeenteraadsverkiezingen, in 2013 is het weer even adempauze en is er iets meer ruimte voor beleid en politiek zonder electoraal gehijg in de nek, wan tin 2014 staan er Vlaamse verkiezingen geprogrammeerd. Het zou dus dit jaar moeten gebeuren. Maar daar ziet het niet naar uit.
En het leidt niet of amper tot woede of opwinding, niet echt politiek, en amper bij het publiek. Die apathie geldt trouwens tegen alle sociaal-economische indicatoren. We vinden de sluiting van Opel-Antwerpen hoogstens een menselijk drama, maar we maken ons amper ongerust over het verdwijnen van de auto-assemblage. Net zoals we schouderophalend toekeken hoe de zware siderurgie verdwijnt. Alsof zware industrieën bij de jaren vijftig horen. Nochtans is 'staal' een zeer gegeerd product op de wereldmarkt, met prijzen die boomen. Zelfs als het rommelt bij AB Inbev, zoomt men in op de cafés zonder bier, eventueel op het felle sociale conflict. Maar de échte oorzaak (dat een welvarend industrieel bedrijf in handen is gekomen van 'speculatief kapitalisme', dat de handel in aandelen, de beurskoers en de halfjaar-noteringen voor aandeelhouders en management stilaan belangrijker zijn dan de industriële activiteit, dat is geen voorwerp van debat. De publieke opinie gaat er blijkbaar van uit dat de welvaart en het welzijn for granted zijn. Het is hier altijd al goed geweest en het zal dus altijd behoorlijk blijven. Nog een pintje voor de mannen. En vergeet Guy en Yves niet.