17/10/09, 12u34
-
Door de prijzen in Frankrijk te temperen en in België fors op te drijven bepaalt Suez mee waar bedrijven investeren of snoeien, waar de economie opleeft en waar niet
door Bart Eeckhout, chef politiek
"We hebben de spoken verdreven uit Hertoginnedal", verkondigde premier Herman Van Rompuy, ter illustratie van de rustige vastheid waarmee hij zijn regering door de begrotingsbesprekingen loodste. Inmiddels weten we beter, meent Bart Eeckhout. De echte spoken luisteren naar namen als GDF Suez of BNP Fortis, spreken Frans en gaan nooit meer weg.
Er ging afgelopen dinsdagmiddag meer dan één teen aan het krullen in het bunkerperszaaltje van de Wetstraat 16 toen premier en vicepremiers elkaar wel erg uitbundig feliciteerden voor het puike begrotingswerk. Regeringsleider Van Rompuy kreeg lof voor de met poëzie gelardeerde rust waarmee hij de onderhandelingen geleid had, minister van Begroting Guy Vanhengel werd ¿ het wordt stilaan een pijnlijk cliché ¿ geprezen omdat hij de goede sfeer teruggebracht had in de ploeg, en voorts was iedereen tevreden over zichzelf en over elkaar met de flukse wijze waarop over de besparingslat gesprongen was.
Vanuit menselijk oogpunt, kunnen we daar nog enig begrip voor opbrengen. Na een trauma van twee jaar staatkundige stilstand, kan het weldadig zijn om toch minstens enkele knopen te kunnen doorhakken. Het was vooral met die opluchting dat de regeringstop teruggekeerd is van haar conclaaf in Hertoginnedal. Maar we moeten ook niet overdrijven. Als het enkel van de vervanging van "ruziemaker" Karel De Gucht door "sfeermaker" Guy Vanhengel afhangt of de zaken al dan niet kunnen vooruitgaan, dan ziet het er beroerd uit voor Europa en de wereldvrede in het algemeen.
Laten we toch maar blijven afgaan op de feiten, en niet op die sfeerperceptie. Deze regering zegt dat ze door een beetje meer te besparen gemakkelijk over de lat van de Hoge Raad van Financiën geraakt is. Die lat lag al niet overdreven hoog, maar zelfs de bewering dat ze er vlot over springt, kan de regering niet helemaal hard maken. Om haar rekening te doen kloppen, gaat Van Rompuy I immers uit van betere economische groeicijfers dan de Hoge Raad. Het is gemakkelijk hoogspringen als je eerst een springplank aan de afsprong plaatst.
Deze regering heeft er dus voor gekozen met haar tweejarenbegroting de rit van deze regeerperiode uit te zitten met een minimale budgettaire inspanning. De begroting 2010-2011 is een keuze voor het eigen overleven op korte termijn. Nogmaals, politiek is dat volkomen begrijpelijk, maar op langere termijn brengt die optie zeer grote onzekerheid met zich mee. Je vraagt je af wie in godsnaam na 2011 nog in de federale regering zal willen zitten, als je ziet welke immense verantwoordelijkheid nu al op de schouders van de opvolgers van Van Rompuy I worden gelegd. En een immense sanering én een grote staatshervorming krijgt die regering nu al als een molensteen om de nek gehangen. Het is een gok die van zeer veel optimisme getuigt in een erg onzekere toekomst.
Premier Van Rompuy kondigt al aan op geregelde tijdstippen terug te keren naar Hertoginnedal om de resterende "werven" aan te pakken. Immers, de spoken uit het verleden zijn daar nu definitief weggejaagd. Van Rompuy heeft het dan over de communautaire spoken die de regering-Leterme het leven zo zuur maakten. Het heeft er de schijn van dat die kwelgeesten inderdaad weer even in hun kot zitten, en de hoop is gerechtvaardigd dat er volgend jaar dan eindelijk een volwassen regeling voor Brussel-Halle-Vilvoorde wordt gevonden.
Megabedrijven aan de machtHet zijn helaas slechts mineure achterhoedegevechten. Deze begroting, deze regering en dit politieke stelsel worden gedomineerd door andere spoken. Het zijn demonen die luisteren naar namen als GDF Suez of BNP Fortis, ze spreken Frans en gaan wellicht nooit meer weg. Zeker GDF Suez bespaart deze regering werkelijk geen enkele vernedering. Ontelbaar zijn de persoonlijke vernederingen voor klimaatminister Paul Magnette, als groene jongen door zijn partij uitgestuurd naar de regering maar inmiddels bont en blauw geslagen door de knokkers in maatpak uit Parijs. Suez kan zich dat permitteren, als Magnette dwarsligt bellen ze toch gewoon naar het kabinet van de premier of van de minister van Financiën. En daar wordt voor Gérard Mestrallet altijd de telefoon opgenomen.
In zijn standaardwerk De politiek voorbij legt Luc Huyse uit hoe dat komt. "De internationalisering van industrie en financiën zuigt macht weg uit de traditionele centra van politiek bestuur en deponeert haar in de handen van de megabedrijven en de megabanken. De grenzeloze economie doet dus ook de politiek uit zijn grenzen breken." De analyse, hoewel inmiddels vijftien jaar oud, is in het licht van de begrotingsopmaak vandaag actueler dan ooit. Zo citeert Huyse Paul Kennedy: "Alleen al het besef dat de markt bepaalde maatregelen (zoals een belastingverhoging) afkeurt, kan zogenaamd soevereine regeringen ervan weerhouden ze door te voeren."
Het citaat mag dan bijna twee decennia oud zijn, het lijkt wel geschreven als verklaring voor het afbreken van de kernuitstap. Met het cynisme van een monopolist permitteert Suez zich chantage na chantage. Op een bepaald moment dreigde Suez zelf om de stekker uit zijn kerncentrales te trekken en België in het donker te zetten, als de federale regering nog lang zou zeuren om een hogere nucleaire rente. En de regering, zij boog: ze houdt de kerncentrales langer open, bevestigt aldus in lengte van jaren de alleenheerschappij van Suez-Electrabel op de Belgische energiemarkt en ontvangt daarvoor een erg bescheiden en fiscaal aftrekbare bijdrage, waarvan nog zeer onduidelijk is of die niet langs een omweggetje meteen weer gerecupereerd kan worden.
Want het moet gezegd worden dat de opeenvolgende Belgische regeringen zich ook gemakkelijk laten chanteren. Het is dan wel meer dan een beetje wrang dat een monopolist naar het Grondwettelijk Hof stapt omdat hij vindt dat hij alleen geviseerd wordt door een heffing, de regering heeft het ook niet erg slim gespeeld. Voor dit jaar eist ze een bijdrage van 500 miljoen zonder iets in ruil te geven, en vanaf volgend jaar volstaat de helft in ruil voor het door Suez verlangde langer openhouden van de kerncentrales. Veel logica zit daar niet in, en het valt te vrezen dat de rechter daar ook zo zal over oordelen, met een fors gat in de begroting tot gevolg.
Of, ander voorbeeld, iemand nog iets gehoord van het "gouden aandeel" dat de Belgische staat in de fusiegroep GDF Suez zou verwerven? Dat blokkeringsaandeel was ons beloofd als waarborg voor de energiebevoorrading in het land, was zelfs ingeschreven in de zogenaamde Pax Electrica II, maar uiteindelijk besliste Suez om de belofte niet na te komen. Pech gehad.
Moeten we dan maar met de handen in de lucht treuren om het vervlieden van het primaat van de politiek? Niet eens. Er zijn wel degelijk nog altijd wettelijke mogelijkheden om het imperialisme van multinationals als Suez wat te temperen. Een dappere regering zou een overheidsbedrijf kunnen oprichten dat zich als "unieke aankoper" tussen stroomproducent en distributeur wurmt. Die overheidsinstantie zou de stroom vervolgens kunnen doorverkopen aan de markt, wat de machtsbasis van Suez gevoelig inperkt. De liberalisering wat terugschroeven om ze tot volle wasdom te laten komen: het zou mooi zijn maar om een of andere reden wil geen enkele regering zich daaraan wagen. Bang dat Parijs straks echt het licht uitdraait?
Dat "Parijs" vormt een interessante correctie ¿ of beter: actualisering ¿ op de multinationalthese van Luc Huyse. Suez is Coca-Cola niet. De zeggenschap over "s lands energiepolitiek vloeit niet zomaar naar een mastodontbedrijf, het stroomt vandaar voort naar het kabinet van de Franse president Sarkozy. De Franse staat is grootaandeelhouder in GDF Suez en heeft zelfs de meerderheid in EDF, de energiereus die straks wellicht met Luminus de grootste concurrent van Electrabel op de Belgische markt in handen krijgt. In ons land mag het primaat van de politiek dan door wormsteken aangetast zijn, in andere landen staat het, zeker na de recente financiële crisis, sterk overeind.
En dat heeft gevolgen voor u en mij die een wankele begroting zelfs overstijgen. De factuur van gezinnen die veel stroom verbruiken, komt in Frankrijk maar liefst een derde goedkoper uit als bij ons. Dat is bijzonder vervelend, maar de consequenties zijn nog veel verregaander. De echte grootverbruikers van stroom zijn natuurlijk de bedrijven. Hoge energieprijzen zijn een belangrijk argument in vele van de bedrijfsherstructureringen in dit land. Door de prijzen in Frankrijk te temperen en in België fors op te drijven bepaalt Suez dus mee waar bedrijven investeren of snoeien, waar de economie opleeft en waar niet. Daarom zit Sarkozy zelf in de cockpit van het energiebeleid. Om maar te zeggen dat energiezekerheid veel concreter is dan de vrees voor een aardgasoorlog tussen Rusland of Oekraïne. Het gaat om onze jobs, hier en nu. Het is dan ook een beetje zuur dat net het argument van de energiezekerheid wordt ingeroepen om het betonneren van het Electrabelmonopolie te rechtvaardigen.
Zeker, de Belgische staat verwasemt, maar niet zoals de Vlaams-nationalisten dat gedroomd hadden. Misschien kan een democratisch gelegitimeerd Europees niveau ooit enige strategische bevoegdheden overnemen, maar nu al is duidelijk dat Frankrijk daarop een stevig voorschot genomen heeft. Even niet goed opgelet toen we in Hertoginnedal communautaire spoken aan het najagen waren.