Nada Surf bouwt feestje in een afgeladen Botanique - Een invasie van muzikale fruitvliegjes
Sinds zijn radiohit 'Popular' uit 1996 is het Amerikaanse trio Nada Surf
(****) in onze regionen haast ongemerkt bijzonder geliefd geworden. Het concert van de New Yorkers, maandagavond in de Botanique, was dan ook al weken van tevoren uitverkocht.
Nada Surf is geen groep die je dagelijks op de radio hoort. Best verwonderlijk eigenlijk, want zanger-gitarist Matthew Caws, bassist Daniel Lorca en drummer Ira Elliot grossieren in bruisende popsongs, voorzien van sierlijk opkrullend snarenwerk, kwikzilveren refreinen en meer hooks dan een vissersvloot. Het driespan cultiveert een zekere naïviteit, maar bedenkt tegelijk liedjes die ergens over gaan. Caws vergelijkt ze met fruitvliegjes: je weet niet waar ze vandaan komen, maar zodra ze er zijn raak je ze niet meer kwijt. Nada Surf tekent zijn melodieuze songs uit middels hetzelfde sjabloon als Big Star, The Posies, Fountains of Wayne en Death Cab for Cutie. Catchy, maar vaak ook weemoedig en bitterzoet.
Lucky, de pas verschenen zesde cd van de band (als we de in de AB opgenomen liveplaat meetellen), komt nu al op ons over als een Greatest Hits-verzameling. Toch pakten Caws en zijn vrienden, voor de gelegenheid aangevuld met toetsenman Louie Lino, de zaken strategisch aan: de nieuwe nummers ('Whose Authority', 'Ice on the Wing') werden mondjesmaat in de set geïntroduceerd, zodat er veel ruimte overbleef voor publieksfavorieten uit The Weight is a Gift en, vooral, het zes jaar oude Let Go. Tijdens het bijna twee uur durende optreden werden 'What's your Secret?', 'Do it Again', het veerkrachtige 'Happy Kid' of rustpunten als '80 Windows', 'Blonde on Blonde', 'Fruit Fly' en 'Paper Boats' door de toeschouwers dan ook met de nodige geestdrift onthaald.
Caws was niet te bedonderd om Rogue Wave, die in het voorprogramma speelde, een handje te komen toesteken. Bovendien is Nada Surf een no nonsensegezelschap dat vlekkeloos Frans spreekt en daardoor in Brussel extra sympathiek werd bevonden. Als hoogtepunten noteerden we het slepende 'Killian's Red', dat met een fraaie gitaarclimax eindigde, en hemelse popsongs van het type 'I Like What You Say', 'Beautiful Beat' en 'See These Bones'. Maar gezien de bislawine die zou volgen, is dat sowieso een arbitraire keuze.
Nadat de zanger 'Your Legs Grow' helemaal in zijn eentje had gebracht, ontaardde het concert in een uitbundig feestje. Tijdens 'Blizzard of '77', 'Stalemate', 'Blankest Year', het gespierde 'Robot' en het onvermijdelijke 'Popular', raakten de aanwezigen dermate door het dolle heen dat Matthew Caws vergat dat hij eigenlijk met koorts op het podium stond. Een heerlijke avond dus, met een groep die komende zomer hopelijk enkele grote festivals mag komen platspelen. Succes ruimschoots gegarandeerd. (Dirk Steenhaut)