06/05/10 09u57
Tussen al die blues en rock werd opvallend weinig rootsmuziek gebracht. De accordeon kwam pas later in de set alsnog tevoorschijn. (Foto Alex Vanhee)
Los Lobos maakte dinsdag een makke indruk in de AB. De Californische groep kwam naar Brussel met slechts een van haar twee frontmannen en toonde nauwelijks charisma.
-
David Hidalgo blijft een briljant bluesgitarist maar moest alleen het schip sturen en dat ging hem niet goed af
Waar Los Lobos vaak garant staat voor feestelijke rootsmuziek, werd nu gekozen voor een set die grotendeels uit blues- en rocknummers was opgetrokken. Een verkeerde keuze. Het optreden miste in de eerste plaats daadkracht: nooit gaf de vijfkoppige groep het gevoel je naar een bloedhete bar in East L.A. mee te nemen, terwijl dat net de charme is van deze rootsrockers. Maar zonder nieuwe plaat en zonder tweede frontman Cesar Rosas (die in Amerika was gebleven omdat zijn vader enkele dagen geleden stierf) ontbrak er een dwingende noodzaak voor dit concert.
David Hidalgo blijft een briljant bluesgitarist, maar moest dinsdag dus alleen het schip sturen en dat ging hem - vooral vocaal - niet goed af. Bij 'Evangeline' en 'The Town' mompelde hij meer dan dat hij zong, en tijdens 'Emily' zat de zanger vaker naast dan op de toonaard. Het zijn songs die overigens erg routineus werden afgehaspeld, met vijf bandleden die nog geen halve meter bewogen.
Los Lobos leek zich gelukkig beter te amuseren met het van Fats Domino geleende 'Fatman' - wat een pittig gitaarduel tussen Hidalgo en Louie Pérez opleverde - en de obligate Ritchie Valens-cover. Niet 'La Bamba', dat al een tijdje uit de set is verdwenen. Maar wel het vinnige 'Ooh, My Head', een liedje waar het jonge Led Zeppelin ooit nog de mosterd haalde.
Tussen al die blues en rock werd opvallend weinig rootsmuziek gebracht in de AB. Slechts bij 'Kiko and the Lavender Moon' en 'La Pistola y El Corazon' kwamen de accordeon en jarana huasteca alsnog tevoorschijn. Dat leverde niet alleen een gevarieerder kleurenpalet op, pas dan durfde Hidalgo écht te gaan zingen. 'Saint Behind the Glass' met Pérez op zang was echter een miskleun.
Mak lammetjeLos Lobos besefte - ruim een uur ver - dat je het indommelende publiek beter met een fiësta dan een siësta kan bedienen en schakelde een versnelling hoger. Bij 'All Night Long' veranderde het gezapige tempo eindelijk in een feestelijker ritme en zo ging de AB alsnog aan het dansen. Dat had duidelijk impact op de groep, want bij het daaropvolgende 'Los Ojos De Pancha' viel er zelfs even gretigheid te bespeuren.
Los Lobos kwam nog twee nummers bissen en eindigde na 'Loaded' met Neil Youngs 'Cinnamon Girl'. Een ronduit fraaie versie, opdat je toch niet met lood in de schoenen naar huis moest. Los Lobos kan dus nog steeds huilen als een wolf, maar toonde zich in de AB helaas teveel een mak lammetje. (Wim Wilri)