12/04/10 08u11
Het Californische Fool's Gold werkte zich op tot een van de podiumrevelaties van het voorjaar. (Foto's Alex Vanhee)
Op het Dominofestival schroeft de AB zijn ambities nog nét ietsje hoger. Muzikale acts die in de schemerzone van rock en dance opereren dragen tien avonden lang een hoogmis op van tegendraadse en avontuurlijke noten. Blikvangers dit jaar zijn Lou Reed, Daniel Johnston, 65daysofstatic en Autechre. Die laatste act probeerde vrijdag beslag te leggen op zo weinig mogelijk zintuigen.
-
Fool's Gold maakte een opperbeste beurt: zó moet wereldmuziek dus in zijn puurste vorm klinken
-
Autechre
-
Rain Machine
Een mens had zijn zicht niet eens van doen tijdens de beenharde set van
Autechre. Het averechtse elektronicaduo besliste zoals steeds om in een volkomen verduisterde zaal te opereren. Het licht aan de nooduitgangen verpestte dat eclipseffect wel, maar niettemin bleef het publiek naar een gapend zwart gat op het podium staren.
Je gehoor werd dan weer wél zwaar op de proef gesteld: het Britse knoppenduo Rob Brown en Sean Booth pleegde haast roofbouw op je ingewanden met zijn doffe bassen, die helaas de complexe geluidsarchitectuur nauwelijks dienden. Dansbaarder werden hun balorige beats er bijvoorbeeld ook al niet door: de opbouw van het concert
(++) klonk bij vlagen zelfs arbitrair.
Werd op hun laatste plaat Oversteps de nadruk gelegd op ambient en melodie, dan kreeg je nu vooral abstracte ritmes door je strot geramd. Pas na een dik halfuur werd het tempo gevoelig opgedreven, snel genoeg om een hitsig koppeltje het podium op te drijven. Maar lang werden die twee niet op hun wenken bediend door de obscure poëzie van Autechre. Naar het eind toe brokkelde de imposante geluidsmuur volledig af in een confuse aaneenschakeling van blieps en twiets. Was dit soms bedoeld als parodie? Ook een groot deel van de fans leek af te haken en zocht de bar op. Achteraan in de zaal zagen we iemand zelfs een sudoku spelen op een elektronische zakagenda.
In extremis bleken we nog het diepst onder de indruk van de genadeloze timing en precisie van het duo: klokslag middernacht scheen flauw licht over het podium en gingen beide MacBooks dicht. Game over.
Branie en brioWél onvoorwaardelijke publiekscharmeurs bleken de Californische jongens van
Fool's Gold (++++). Hoewel hun debuut maar half overtuigt maakten ze live een opperbeste beurt met de combine van Paul Simons Graceland, Hebreeuws, funkjams en een razendstrakke speltechniek. Aanvankelijk stonden nog enigszins beteuterd naar het podium te kijken (de groep van vijftien bleek voor deze tour afgeslankt tot een sextet) maar zelden zagen we een band zo gespannen én sexy spelen. In een recordtempo waren we verkocht.
Zo walste het euforische "Surprise Hotel" met méér branie en brio door de zaal dan Vampire Weekend dat weken geleden deed, zag je hoe een kwikzilveren dwarsfluit het opnam tegen een heerlijk rollende baslijn, en hoorde je hoe Talking Heads zouden klinken als ze zich tot aan de nek ingroeven in de muziek van het zwarte continent. Zó moet wereldmuziek dus in zijn puurste vorm klinken.
"We zijn hier om onze mama"s trots te maken", vertelde de zanger voor de dwingende finale met "Night Dancing". Maar niet alleen moederlief verbeet fier een traantje, ook wij zagen een groep zich opwerken tot een van de podiumrevelaties van het voorjaar.
Wat een pech voor
Rain Machine (++), dat in vergelijking met zijn support act klonk als TV on the Radio op een mindere dag. An sich was dat natuurlijk weinig verwonderlijk: de groep is een egovehikel van TotR-gitarist Kyp Malone. Spijtig genoeg bleek zijn gevolg op halve kracht te spelen. Gestut door die dutsjes werkte Malone zich bovendien door een verwarde set, die zelden aan vaart of animo won. "Desperate Bitch" kon nochtans tellen als ouverture, met een dramatische cello, crashende cimbalen, venijnige gitaarsalvo"s en een sexy wiegende toetseniste in poncho.
Malone, wiens afro zich intussen tot ver onder zijn kin bleek uit te strekken, probeerde daarna te verbroederen met het soezende publiek, maar kon alleen tijdens een solo gebrachte song en in de finale scoren. Zijn a capellaversie van "Elmo's Song" uit Sesame Street had nu ook weer niet gehoeven, maar de epische aanval op "Winter Song", dat live afklokte op een progjam van een kwartier, zinderde nog lang na. Helaas: het kalf was allang verdronken. (Gunter Van Assche)