08/06/10 09u08
Mark Knopfler en band grasduinden met bravoure door zijn solowerk, maar toen werd teruggegrepen naar werk van Dire Straits viel de machine stil.
Stellen dat Mark Knopfler de mosterd bij Bruce Springsteen heeft gehaald is wellicht veel gezegd, maar zondagavond kon je in de Antwerpse Lotto Arena niet anders dan een vergelijking maken met diens Seeger Sessions.
Knopfler had zeven rasmuzikanten rondom zich verzameld die gedurende twee uur gitaar en toetsen afwisselden met ukelele, mandoline, (dwars)fluit en accordeon. Knopfler zelf nam vooraan plaats op een stoeltje, dat hij "op doktersbevel" niet meer zou verlaten. Toen de band bij 'Why Aye Man' unisono de tweede stem meezong, wist je dat de zanger zich goed omringd had. Deze groep gaf hem niet alleen ruggensteun maar vormde ook een geheel. Tijdens 'Cleaning My Gun' speelden liefst vijf gitaren hun eigen melodie, zonder dat er een noot te veel klonk.
Zanger en band grasduinden met bravoure doorheen Knopflers solorepertoire, maar toen werd teruggegrepen naar Dire Straits viel de geoliede machine helaas helemaal stil. 'Romeo & Juliet' dreef voornamelijk op orgel en piano, terwijl een neuzelende Knopfler vocaal weinig bijbracht en ook in zijn vingerwerk de essentie vergat.
De uiterst gezapige versie van 'Sultans of Swing' willen we eveneens snel vergeten. Hier zat veel minder schwung in dan in het daaropvolgende 'Down With Bonaparte'. Knopfler bepotelde kundig zijn pedal steel-gitaar en het vrolijke ritme van mandoline, viool, contrabas en doedelzak zorgde ervoor dat je niet stil kon blijven zitten. Meesterdrummer Danny Cummings schakelde het ritme alsmaar hoger, waarop ook Knopfler zelf niet meer aan de uitbundigheid kon weerstaan en even zijn stoeltje verliet.
Toen aan het einde een tweede rondje Dire Straits werd bovengehaald zong het publiek opnieuw stukken luider dan de frontman, maar de zanger bleek zijn tegenzin nu toch te hebben opgeborgen. Na 'Telegraph Road' groette hij grijnzend het publiek, om nog een korte bisronde te houden met twee klassiekers, 'Brothers in Arms' en 'So Far Away'. (Wim Wilri)