José James ***** en Joan as Police Woman ** in AB - Koude rilling, koude douche

Tijdens het concert van de jonge New Yorker José James kon je de magie bijna tastbaar uit de lucht plukken. (foto Alex Vanhee)
Met José James en Joan As Police Woman had de Ancienne Belgique maandagavond twee exponenten uit de New Yorkse muziekscene te gast. Vooral James, een jonge jazz-zanger die met The Dreamer eerder dit jaar al een briljant debuut uitbracht, maakte een ronduit verpletterende indruk.

En dat was niet in de laatste plaats te danken aan de spannende wisselwerking met pianist Jef Neve, die in Brussel als special guest figureerde.

Joan As A Police Woman was de laatste jaren niet uit België weg te slaan. Dat heeft het trio rond singer/songwriter Joan Wasser een trouw publiek opgeleverd, maar door het vele spelen sloop er maandagavond een routine in de nummers die de groep slechts zelden wist te overstijgen. Aan goede songs geen gebrek, maar haar vertolking grensde bij momenten rakelings tegen de zelfparodie aan, en vaak fezelde Wasser meer dan ze zong. De zeldzame passages waarin ze het tempo even versnelde - het zinderende 'To America', bijvoorbeeld, waar haar rammelend gitaarspel werd uitgespeeld tegen een ronkende fuzzbas - maakte indruk, 'Eternal Flame' bleef in een uitgebeende versie overeind, en de als bis opgespaarde bluestraditional 'Keeper of The Flame' met een elektrische ukelele in de hoofdrol, bleef boeien. Maar het waren zeldzame uitschieters in een set die te weinig reliëf vertoonde om anderhalf uur de aandacht vast te houden. Dat ze het optreden afwerkte onder een groteske afro-pruik maakte het bovendien erg moeilijk om geloofwaardig te blijven tijdens nummers over dood, verlies en stukgelopen relaties.

Op de koop toe had José James even voordien een ronduit verbluffend concert gespeeld waar je de magie haast tastbaar uit de lucht kon plukken. De in smetteloos pak gestoken James sloopte heilige huisjes door teksten te scatten op werk van de legendarische John Coltrane, vertimmerde een hiphopclassic als 'Park Bench People' van Freestyle Fellowship tot het onversneden jazz werd. Hij had een ronduit sublieme ritmesectie mee, maar toch was vooral de wisselwerking tussen James en gastpianist Jef Neve om duimen en vingers bij af te likken. De twee gingen duizelingwekkende dialogen met elkaar aan, daagden uit en stuurden de songs de meest onverwachte richting uit. En keer op keer was het eindresultaat ronduit fenomenaal.

James scratchte met woorden zoals een dj dat met platen doet: hij liet zijn zinnen haperen, draaide ze achterstevoren, versnelde en vertraagde en sloeg ze binnenstebuiten. Zoiets verzandt doorgaans al snel in een spelletje blufpoker, maar de zanger verstond de kunst om al die vocale stunts ten dienste van de songs te stellen. 'Blackeyedsusan' en 'Spirits Up Above', een verzoek uit het publiek dat prompt a capella werd ingezet, was van die aard dat je er met open mond naar stond te kijken. Dat het viertal tot dit resultaat kwam door in de namiddag nauwelijks een halfuurtje samen te repeteren, maakte het er nog hallucinanter op. José James staat momenteel nog aan het begin van zijn carrière, maar als het optreden van maandagavond een graadmeter mocht zijn, wordt hij een hele grote. (Bart Steenhaut)
19/11/08 13u25
      mailIcon Mail een vriend(in)      printIcon Printversie