Soap&Skin tussen intens en vermoeiend in de AB ***

20/03/10 17u28

Horror, hartverscheurende hysterie en Holocaust

Anja Plaschg van Soap&Skin: aanstellerig gevoel voor melodrama (Foto: Alex Vanhee)

In de AB legde Soap&Skin een parcours af waarbij gevaar om elke hoek loerde en schoonheid een complot met de dood leek te smeden. Haar adoratieve publiek bleef moeiteloos in de ban, maar Anja Plaschg zelf scheen heel wat minder verguld te zijn met haar performance. Wij konden dan weer weinig geloof hechten aan het melodramatisch toneeltje dat ze van tijd tot tijd opvoerde.

"It wasn't ...good ...for me". Zoveel kon je nog net opmaken uit haar gemurmelde betoog in de bisronde. De Oostenrijkse freule keek er zo verschrikkelijk ongelukkig bij dat haar gebaar iets grotesks kreeg. Eerder zag je Plaschg immers ook nog met tranen in de ogen achter een miniatuur Steinway-piano verscholen gaan, een schijnbaar mea culpa slaan tegenover fans op de eerste rij en afscheid nemen terwijl ze twee handen verschrikt tegen haar gezicht aandrukte.

Haar gevoel voor melodrama kwam dus nogal aanstellerig over. Zeker in een set die het juist moest hebben van onthechting, isolatie en Victoriaanse sprookjeschic.

Aan de titel van haar debuut - Lovetune for Vacuum - hield ze evenwel stevig vast in de AB: in verminkte liefdesliedjes stuurde ze je zonder retourtje naar een wereld waarin je adem afgesneden werd, en je hoofd elk ogenblik met een droge plop uit elkaar kon spatten. Onder een industriële beat en hysterische varkensgeluiden - we kid you not -verscheen Soap&Skin op het toneel, aangevuld met een klassiek ensemble. Haar strijkerskwartet boog zich met de grootste zorg over haar songs, maar solo - wanneer ook de laptop geen beats of onaardse geluiden meer braakte - bleek Plaschg nog op haar best. Al was "Spiracle" evengoed een hoogtepunt in de set: heel onconventioneel floepten de zaallichten aan tijdens dat nummer, terwijl het doemerige ensemble in nachtduister baadde. Die song leek zorgelozer tijden op te rakelen ("when I was a child I toyed with dirt") maar een plotse, hartverscheurende krijs vermoordde ook dát laatste greintje onschuld.

Gehesen in een korsetjurk - een modieuze dwangbuis bijna - beukten haar vuisten nu eens over het klavier om dan weer over te gaan naar ijselijk getokkel. Het monochroom zwarte drama dat tot aan het eind de boventoon voerde, klonk op den duur echter aardig vermoeiend.

Echt verbluffen deed ze dan ook pas aan het eind, met een a capella versie van "Zog Nit Keynmol": een Jiddisch partizanenlied, en een hymne voor alle Joden die de Holocaust overleefd hebben. Die song leek bizar genoeg pas in uitgesteld relais te werken: in de verduisterde straten van Brussel merkten we pas hoe dat nummer ons als een boef in de nacht overviel en onze adem afsneed. Plop. (Gunter Van Assche)