Stijn Devolder leek lange tijd uitgeteld en maakte zelfs een figuurlijke knieval op de Koppenberg, maar op de Taaienberg zat hij plots weer bij de groten. "In de Ronde van Vlaanderen is het nooit over", beseft de tweevoudige winnaar als geen ander. "Ik ben drie keer van heel ver moeten terugkomen omdat ik gehinderd werd door valpartijen. Net voor de Koppenberg kwam ik weer aansluiten. Als je echter niet bij de eerste tien zit, weet je dat je te voet naar boven kunt. Enkele mannen begonnen te klungelen op de kasseien en dan moet je sowieso van de fiets."
"Millar liet ik rijden"
Samen met Bjorn Leukemans wist Devolder uiteindelijk toch nog de sprong te maken. "Ik wist dat ik na de Taaienberg nog even de tijd had om te recupereren. Pas in Mater ben ik echt vooraan verschenen. Ik had echter al heel veel energie in de achtervolging gestopt en daarna sprong ik nog eens op alles wat bewoog om de vlucht van Tom te beschermen. Toen Millar ging, liet ik hem rijden omdat hij toch maar alleen was. De benen waren goed, maar Cancellara volgen zou ik nooit gekund hebben."
"Goede koers gereden"
Winnen was een must voor Devolder, anders had hij volgens ploegbaas Patrick Lefevere een probleem. "Of het nu zo ver is? Tja, dat moet je aan Patrick vragen. Ik heb gedaan wat ik moest doen voor de ploeg en heb een heel goede koers gereden."
Misschien volgt de bekroning nu wel een weekje later in Roubaix. "Als Cancellara dezelfde benen heeft als vandaag wordt het toch weer heel moeilijk", beseft 'Volderke'. (svm)

© De Persgroep Digital - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in Nederland www.volkskrant.nl.