Buitenland

Nederland doet weer normaal

Een land kan overnacht veranderen: het Nederland van 13 september 2012 was een ander land dan dat van 12 september. Althans van geest, schrijft Volkskrantcolumnist Bert Wagendorp. Hij schreef deze bijdrage op uitnodiging van De Morgen.

 
Eerst de islam en nu Europa: Wilders is door zijn thema's heen. Het leek erop dat het momentum van het polder- populisme woensdagavond afliep
Terwijl Geert Wilders woensdag het stemhokje introk, waakten twee bodyguards over zijn veiligheid. ©EPA

Het is soms moeilijk kantelmomenten in de politieke geschiedenis van een land onmiddellijk te herkennen. De verkiezingsnacht van 15 op 16 mei 2002 was in elk geval zo'n moment - en dat had iedereen meteen in de gaten. Toen de uitslag rond middernacht bekend werd, was duidelijk dat zich een revolte had voorgedaan: de Lijst Pim Fortuyn, beter bekend als de LPF, kwam met 26 zetels in de Tweede Kamer. Het was dat de naamgever tien dagen eerder was vermoord, anders was diens partij vermoedelijk de grootste geworden en had de nieuwe premier geen Balkenende maar Fortuyn geheten.

Het was het begin van een kiezersopstand die het politieke klimaat in Nederland in de jaren na Fortuyns dood sterk zou beïnvloeden. Een opstand van het 'gewone volk', dat zich niet langer vertegenwoordigd voelde door de nog uit de tijd van de verzuiling stammende oude partijen. Nederland maakte kennis met een politieke variant die het voordien alleen in beperkte mate had gekend - bijvoorbeeld met Boer Koekkoek en diens Boerenpartij in de jaren zestig: het populisme.

Harder dan Fortuyn
Het ontbreken van een leider zorgde ervoor dat de LPF snel weer was verdwenen. Bij de verkiezingen van 2006 behaalde de partij geen zetels meer. Bij diezelfde verkiezingen meldde zich de natuurlijke opvolger, de Partij voor de Vrijheid (PVV), een jaar eerder opgericht door het voormalige VVD-Kamerlid Geert Wilders. Met negen zetels maakte de PVV een sterke entree.

Wilders' populisme was veel harder en provocerender dan dat van Fortuyn. Hij bracht een fel anti-islamitische boodschap en ging er in de Kamer en daarbuiten fris van de lever tegenaan: nooit eerder had een oppositielid een minister 'knettergek' genoemd, nooit eerder had een partijleider alle immigranten van Marokkaanse komaf voor het gemak onder één noemer gebracht: Marokkaans tuig.

Nooit eerder had een oppositielid een film gemaakt (Fitna) die vanwege zijn anti-islamitische strekking alle Nederlandse ambassades in staat van paraatheid bracht. Ook nieuw was het verzoek van Wilders aan de minister-president om actief mee te werken aan de opheffing van België - niet ál zijn bizarre ingevingen betroffen het bashen van allochtonen.

Bij de Kamerverkiezingen van juni 2010 kwam de beloning voor Wilders' even hondsbrutale als beledigende als creatieve vorm van politiek bedrijven: er stemden bijna anderhalf miljoen Nederlanders op de PVV. Een paar maanden later was hij de gedoogpartner van het kabinet Rutte I: een populist bezette de sleutelpositie in de Nederlandse politiek. In april 2012 blies de gedoger het kabinet op.

Omdat het er de schijn van had dat immigratie, integratie en de daarbij behorende problemen hun beste tijd als stemmenlokker hadden gehad, besloot Wilders voor de verkiezingen van dit jaar 'Europa' en de voor Nederland in zijn ogen desastreuze macht van Brussel tot inzet van de verkiezingen te maken. Daarmee moest hij de sprong maken naar de definitieve macht: premier Wilders.

"Op 13 september bel ik Brussel om te zeggen dat we ermee ophouden", zei Wilders op 1 september tegen de Volkskrant.

Zover kwam het niet.

Om precies negen uur woensdagavond 12 september 2012 stond Ferry Mingelen in de NOS-studio voor een groot bord. Daarop verscheen de eerste uitslag van de exitpolls: VVD naar 41 zetels. Een paar seconden later verscheen er '40' achter de PvdA. Vervolgens werd achter de naam PVV een rode '-11' zichtbaar. Later op de avond bleek dat het verlies van Wilders tot negen zetels beperkt bleef, maar niettemin had hij zich ongetwijfeld wat anders voorgesteld dan een terugval naar vijftien zetels.

Kantelmoment
Het was een minder duidelijk kantelmoment dan dat ruim tien jaar eerder, toen de populisten hun glorieuze entree maakten in de Nederlandse politiek. Maar het had er toch alle schijn van dat we getuige waren van het einde van een politiek tijdperk, van het einde van het decennium van onvrede en pessimisme waarvan de misantroop Wilders de belangrijkste woordvoerder was.

Hoezeer het er ook op leek dat Wilders de kiezer weer eens perfect had aangevoeld, nu met zijn Europahaat: het bleek anders te liggen. De kiezer verraste peilers, politieke duiders en vooral Geert Wilders.

Eerst de islam en nu Europa: Wilders is door zijn thema's heen. Het leek erop dat het momentum van het polderpopulisme woensdagavond afliep. Als de voortekenen niet bedriegen, zal Wilders worden gemarginaliseerd en worden benoemd tot parlementair moppermuppet. Een man om wiens tirades iedereen vooral hartelijk moet lachen. Een even droevig als onvermijdelijk lot - de houdbaarheid van de populist is nu eenmaal beperkt.

Nederland keerde terug naar het gematigde midden van VVD, PvdA en in mindere mate CDA en D66. Nederlandse politici kunnen zich straks in Brussel weer constructief opstellen, nu Wilders hen niet meer in de nek hijgt.

Na woelige jaren worden we weer een normaal land.