Binnenland
OPINIE

We weten allemaal dat we langer moeten werken. Of hebben we dat vooral genoeg gehoord?

Ferdi De Ville (27) is actief bij het jonge, progressieve forum Poliargus en werkt aan de Universiteit Gent. Deville:"De generatie Y moet wat creatiever en kritischer durven te zijn".

©null
 
Om de generatie Y genoemd te worden, stellen we onszelf wel erg weinig de vraag: 'why?' Wij moeten de opgebouwde welvaart gebruiken en omzetten in meer welzijn voor zoveel mogelijk mensen

Deze krant kondigde gisteren aan het generatiedebat mee te willen organiseren. Dat kan alleen maar worden toegejuicht. Ik meen dat we daarbij niet zozeer nood hebben aan een professioneel team van ontmijners (lees: technocraten). Wel aan een breed maatschappelijk debat, onder de jonge generatie en tussen de generaties. De G1000 voor het generatiedebat, om de oogkleppen af te gooien, lijkt me dus een uitstekend idee.

Laat ik mij in dit stuk richten tot mijn eigen generatie. De studenten of de net-afgestudeerden. Wat me telkens opvalt wanner wij over dit thema discussiëren, is hoezeer we producten zijn geworden van een pensée unique. Ik begrijp dat. Talloos zijn de keren dat we Kathleen Cools een gesprekspartner hebben horen voorleggen 'we weten allemaal dat we langer zullen moeten werken' of 'we weten allemaal dat ons pensioenstelsel onbetaalbaar is'. En, ja, ik merk dat we het inderdaad weten. In die mate zelfs, dat we als achttienjarige in onze pen kruipen om de eis voor brugpensioen van de vakbonden bij Ford Genk te veroordelen. 'Zijn ze zot? Weten ze dan niet dat wij daarvoor tot ons vijfenzeventigste zullen moeten werken, om er dan uiteindelijk zelf nauwelijks een pensioentje voor terug te krijgen?'

Maar weten wij dat eigenlijk wel zo zeker? Of hebben we dat vooral genoeg gehoord en gelezen? Laten we ons, met de oogkleppen op, niet te veel voor de kar laten spannen door zij die om andere redenen dan bezorgdheid over onze generatie de welvaartsstaat drastisch willen afbouwen? En zijn we niet een beetje ondankbaar ten opzichte van de generatie van onze ouders, dankzij wie we de kans hebben (gehad) om met zovelen zo goed en goedkoop onderwijs te genieten, en om tussendoor een lezersbrief te schrijven over de wereld van werk en pensioen waar we nog zover vanaf staan?

Om de generatie Y genoemd te worden, stellen we onszelf wel erg weinig de vraag: why? Waarom zou ons sociale zekerheidsstelsel ten dode opgeschreven zijn? Zelfs met minder snelle productiviteitsgroei dan vroeger gaan we wel nog steeds elk jaar wat meer kunnen produceren met minder mensen. Waarom zou de wereld dan moeten vergaan als binnenkort de 'afhankelijkheidsratio' toeneemt? Gaan we niet met minder ongeveer evenveel kunnen produceren, maar waarvan dan een stuk meer herverdeeld wordt naar de inactieven? En is er niet bijzonder veel ongelijkheid binnen de generaties, zeker ook die van de gepensioneerden, waar eens naar gekeken zou kunnen worden, in plaats van in termen van generatieconflict te denken?

Laat ik jullie eens aanspreken op een gevoelig punt: is onze generatie niet veel te weinig creatief en kritisch in het denken? We voelen ons dapper, verantwoordelijk, en zelfs een beetje rebels, als we zeggen dat we al te goed beseffen dat we langer en harder zullen moeten werken. Maar eigenlijk papegaaien we enkel het eenheidsdenken na.

Laat ons in de plaats echt het toekomstdebat voeren en ons afvragen in welke maatschappij we eigenlijk willen leven, en welke hervormingen daarvoor nodig zijn. Als we vasthouden aan almaar meer materiële bezittingen, dan is langer en harder werken inderdaad de enige optie. Maar is langer werken een oplossing voor de klimaatproblematiek? Of voor psychische problemen als depressies en burn-outs die ons tijdperk kenmerken? Wat echt moedig zou zijn, is dat wij onszelf de generatie zouden maken die de door onze ouders en grootouders opgebouwde welvaart gebruikt en omzet in meer welzijn voor zoveel mogelijk mensen.

Maar daarom moeten we dus durven out of the box te denken. Te beginnen met te stoppen met 'economische experts' na te roepen dat we langer zullen moeten werken en geen pensioen meer zullen krijgen. Want dat ondergraaft op den duur inderdaad de bereidheid tot solidariteit, en wordt zo een self-fulfilling prophecy. Laten we samen nadenken, zo lang als nodig (waarom niet onder meer op deze opiniepagina's), over de vraag: waarom doen we het allemaal? Waarom werken we zo hard, en zijn we blijkbaar bereid dat lang te doen? Om intrinsieke redenen, of omdat onze cultuur ons heeft geleerd dat een hoge functie en de status die ermee gepaard gaat het hoogst bereikbare is?

Laten we ons dus niet blindstaren op de duurzaamheid van de pensioenen in het huidige systeem, maar nadenken over de grenzen van dat systeem zelf, op ecologisch, sociaal en menselijk vlak. De balans tussen werk en groei enerzijds en vrije tijd, familie en vrienden, gezondheid, sociaal engagement, gelijkheid en duurzaamheid anderzijds, daar zouden wij moeten van wakker liggen en verontwaardigde brieven over schrijven. Laat ons daarover de discussie voeren, om een nieuw systeem op te kunnen bouwen dat ons toelaat om de vruchten van werk beter om te zetten in geluk. Dat zou echt dapper zijn.

Keynes voorzag voor zijn achterkleinkinderen, voor onze generatie, een leven dat niet meer gedomineerd wordt door materiële noden en door lang en hard werken om aan deze te voldoen. De materiële voorwaarden voor een dergelijk leven zijn er, de culturele echter niet. Op pensioengerechtigde leeftijd -als dat al geen achterhaald begrip is geworden - zou ik graag de door Keynes voorspelde wereld voor mijn kleinkinderen achterlaten. Voor die droom is een mentaliteitswijziging in mijn generatie dringend nodig.