Premier, hou de eer aan uzelf

Het kabinet van de premier heeft veelvuldige contacten gehad met de magistraten die het Fortisdossier behandelden, zowel in eerste aanleg als in beroep. Dat is op zich al bijzonder onkies en schurkt aan tegen de grenzen van de scheiding der machten.

Volgens het kabinet van de premier bleef het daarbij: men luisterde passief naar wat magistraten te vertellen hadden en deed er vervolgens absoluut niets mee. Bijgevolg, vindt premier Leterme, valt hem niets te verwijten.

Het probleem is dat die verklaring de toets met de feiten niet doorstaat en dat ze dus een leugen is.

De substituut
De beïnvloeding, die er wel degelijk was, begint namelijk al in eerste aanleg. Daar veroorlooft substituut Dhaeyer zich een advies aan de rechtbank te geven waarin hij niet de kant van de regering kiest. Volgens Leterme neemt de substituut daarop contact op met het kabinet, om zijn advies toe te lichten. Het kabinet doet niet meer dan luisteren.

Volgens het parket van Brussel strookt die uitleg niet met de waarheid. Integendeel: de betrokken substituut kreeg een woedend telefoontje van de veiligheidsadviseur van Leterme, hem vragend of hij wel wist waar hij mee bezig was en hem wijzend op zijn loodzware verantwoordelijkheid. Kwaad gooide de substituut de telefoon op de haak.

Dat is beïnvloeding, zo simpel is dat. Hier rijst de vraag of daarbij ook de wet overtreden werd. Substituten vallen onder de bevoegdheid van de minister van Justitie en worden geacht diens beleid uit te voeren. Het is de zittende magistratuur, en niet het ambt van de openbare aanklager, die de absolute onafhankelijkheid geniet, en er zijn geen aanwijzingen dat er in eerste aanleg zulke contacten zijn geweest tussen het kabinet en de eigenlijke rechter.

De echtgenoot
Dat is niet het geval zodra de zaak in beroep voorkomt. Leterme geeft toe dat zijn kabinet tot vijfmaal toe op de twee cruciale dagen (11 en 12 december) contact heeft gehad met Jan De Groof, de echtgenoot van de dissidente Fortisrechter Schurmans. Dat is minstens eigenaardig te noemen, want vorige week zei Leterme nog dat hij De Groof "in geen jaren meer gezien of gesproken had".

Uit de chronologie van de gesprekken blijkt bovendien dat er een rechtstreeks verband is met er wat in de rechtszaal gebeurt. Zo weet De Groof te melden dat het Fortisarrest in het nadeel van de regering zal uitdraaien, het moment waarop zijn vrouw zich ziek zal melden.
Het enige wat volgens Leterme gebeurt, is dat men luistert en dat zijn kabinetschef de informatie aan het kabinet-Reynders doorgeeft. En kijk: binnen een uur dienen de advocaten van de overheid een verzoek in tot heropening van de debatten, op basis van een onzinnig argument, met de uitsluitende bedoeling de samenstelling van de zetel te kunnen veranderen en het arrest zo te blokkeren. Die omkering van hun strategie is alleen te verklaren omdat ze gebrieft waren via Leterme en/of Reynders.

Ondertussen blijven de telefoontjes doorgaan. De kabinetschef doet geen moeite ze af te breken of om aan de echtgenoot uit te leggen dat hij medeplichtig is aan het doorbreken van het beroepsgeheim van zijn echtgenote. Hij blijft gretig luisteren.

De magistrate speelt haar laatste troefkaart uit: ze dient, hoe ziek ook, een klacht in tegen haar collega's. Ook dat stemt haast op de minuut overeen met een volgend telefonisch contact tussen kabinetschef D'Hondt en De Groof. Plots overweegt de regering dan om de procureur-generaal te belasten met een onderzoek naar machtsoverschrijding door Paul Blondeel, de voorzitter van de kamer die het negatieve Fortisarrest velt. Ook hier is er weer een rechtstreeks causaal verband tussen telefoontje en beleidsdaad.

Het is zonder meer duidelijk dat het kabinet-Leterme in eerste aanleg rechtstreekse druk heeft uitgeoefend. Het is eveneens duidelijk dat in de beroepsfase het kabinet, dankzij gelekte informatie van een mol binnen de kamer, zijn eigen verdedigingsstrategie heeft bijgesteld en aangepast.

Het onderzoek
Dat zijn de feiten zoals ze tot nu toe bekend zijn. Verder onderzoek, bijvoorbeeld naar het mailverkeer tussen de betrokkenen, kan wellicht nog bijkomende informatie bovenhalen.

Leterme zegt van al die feiten geen weet te hebben en persoonlijk nooit een magistraat gesproken te hebben. Het tweede is mogelijk, het eerste niet. Leterme verwacht dat we geloven dat zijn kabinetschef met deze ultiem belangrijke informatie wel de diensten van Didier Reynders heeft gebrieft, maar die informatie niet aan hem zou hebben overgemaakt. Dat is gewoonweg onmogelijk.

Zowel in eerste aanleg als in beroep heeft het kabinet geprobeerd de onafhankelijke rechtsgang te beïnvloeden. Niet als eenmalig incident, maar herhaaldelijk en duidelijk gepland.

Bijzonder significant is ook de gezamenlijke persconferentie van het hof van beroep en het Hof van Cassatie. Die kunnen zonder onderzoek natuurlijk geen eindoordeel vellen, maar vinden wel dat er nu al voldoende aanwijzingen zijn om een tuchtonderzoek naar de Fortisrechter op te starten en na te gaan of er inderdaad een schending van de scheiding der machten is geweest. Dat is nooit eerder vertoond.

Een onderzoekscommissie is in zulke omstandigheden het minste wat dient te gebeuren. Maar eigenlijk is Leterme vandaag al ieder moreel krediet kwijt om een rechtsstaat te leiden. Zijn vlucht vooruit is niet de oplossing. Hij zou dan ook beter de eer aan zichzelf houden en zijn ontslag aanbieden bij de koning.

Yves Desmet
Politiek commentator