Politiek dood

Zelfs haar eigen val kan deze regering niet behoorlijk organiseren. Urenlang werd in het kernkabinet gekibbeld, geschreeuwd en zelfs letterlijk gehuild nadat de voorzitter van het Hof van Cassatie, Ghislain Londers, Yves Leterme het nekschot had gegeven.

De hoge magistraat had dezelfde oefening gemaakt als deze krant gisteren: leg de chronologie van de contacten tussen de echtgenoot van de dissidente Fortisrechter met de kabinetschef van Leterme naast die van de gebeurtenissen in het hof van beroep, en je kunt tot geen andere conclusie komen dan dat die informatie cruciaal was bij het opstellen van de verdedigingsstrategie. Je kunt niet anders dan vaststellen dat deze magistrate ook nog eens alles geprobeerd heeft om te verhinderen dat het arrest tot stand zou komen.

De brief van de voorzitter van het Hof van Cassatie, die van de uitleg van de eerste minister geen spaander heel laat, was het enige goede nieuws van de dag, want het bewijs dat onze rechterlijke macht geleid wordt door mensen die zich niet laten intimideren, ook niet door een eerste minister.

Toen was duidelijk dat Yves Leterme politiek dood was. Er is immers geen enkele uitweg of uitleg denkbaar die deze schending van de scheiding der machten kan vergoelijken. Het voordeel van de twijfel, dat de premier nog had gekregen op het kernkabinet 's ochtends, was nu weg.

Wat zich vervolgens afspeelde, mag gerust een psychodrama genoemd worden. Leterme weigerde alleen de verantwoordelijkheid voor het gebeuren op zich te nemen. Zoals altijd schoof hij de schuld op anderen. Dat deed hij al in zijn eerste brief: de rechter en haar echtgenoot, trouwe partijmilitanten die hun loyauteit aan Leterme hoger inschatten dan die aan hun beroepsethiek, werden door hem genadeloos geslachtofferd, net als zijn kabinetschef en zijn veiligheidsadviseur.

Hetzelfde scenario op de ministerraad: urenlang weigerde Leterme koppig om alleen de verantwoordelijkheid te dragen en wou hij dat ook Vandeurzen en Reynders mee hun hoofd op het kapblok legden. Zeker in het geval van Reynders valt daar nog iets voor te zeggen: zijn kabinet instrueerde immers de advocaten van de overheid om een procedure te starten die de samenstelling van het hof van beroep op een oneigenlijke manier probeerde te beïnvloeden.

Van de man van 800.000 stemmen naar de enige die de schuld op zich zou moeten nemen, die sprong kon Leterme mentaal niet aan. En dus moest voor hem de hele regering vallen, het automatische effect wanneer ook twee vicepremiers in zijn val meegesleurd zouden worden. Leterme toonde zich zo nog maar eens van zijn slechtste kant: een val van de hele regering leidt onvermijdelijk tot chaotische toestanden, mogelijk tot nieuwe verkiezingen en een situatie waarin een kabinet hooguit de bevoegdheid tot lopende zaken bezit. Hoe je daarin het Fortisdossier nog kunt beheren, is voor iedereen onduidelijk, maar dat was niet zijn eerste bekommernis.

Fortis kon wel opgevolgd en beheerd worden wanneer de regering een doorstart zou nemen, met een door de CD&V aan te leveren nieuwe premier. Maar dan zou Leterme alleen de woestijn zijn ingestuurd en dat was voor hem ondenkbaar. Dus werd het 'Après moi le déluge'. De laatste, en meteen ook eerste dienst die hij aan zijn land had kunnen bewijzen: zelfs dat kon hij niet opbrengen.

De slechtste naoorlogse premier van dit land is hoe dan ook politiek dood. De rechtsstaat staat nog overeind, hij niet meer. Alleen het omgekeerde zou een ramp geweest zijn.

Yves Desmet
Politiek commentator