Onze jongeren wordt geweld aangedaan

Dirk De Block woont in Molenbeek en is er al meer dan tien jaar actief in het jeugdwerk. Hij is verantwoordelijke van COMAC-Wijken, de afdeling van de jongerenorganisatie van de PVDA in de Brusselse wijken van Molenbeek en Anderlecht.

 Van de problemen rond de hogeschool in Kuregem tot de kalasjnikovaanval in Laken, alles wordt op een hoop gegooid. Bedekt met een saus van emoties  

'Terwijl de grote trom van de repressie wordt geroerd, worden besparingsrondes in onderwijs en sociale zekerheid voorbereid.' Jeugdwerker Dirk De Block vraagt àndere oplossingen voor zijn stad.

De veiligheidsproblemen in onze stad Brussel zorgen voor een plotse, hevige kramp van politieke profilering. De Vlamingen met hun "fusie van de politiezone!" versus de Franstaligen, die van "Vlaamse overname!" spreken. De Open-Vld wijst met de vinger naar het gerecht, de CD&V wijst naar de politie. Sp.a en Groen doen hard hun best om niet onder te doen voor de roepers naar het snelrecht. Op één punt vinden de grote Vlaamse partijen zich wel: "dé Franstaligen" zijn de tegenstander. De profileringskramp wordt gedragen door twee begrippen: snelrecht en zero tolerance.

Is snelrecht dé mirakeloplossing? Snelrecht wordt door de mensen van het terrein afgeschoten als onhaalbaar. Politievakbonden en mensen van justitie zeggen dat het onwerkbaar is en zelfs contraproductief kan zijn. Dat heeft de ervaring enkele jaren geleden uitgewezen. Rechters moesten vaststellen dat snelrecht niet kon zonder de rechten van de verdediging op de helling te zetten. Bovendien wordt bij snelrecht het onderzoek alleen ten laste gevoerd en niet meer "à décharge". Dat kan natuurlijk niet in een rechtsstaat. De mensen van het veld zijn pragmatisch. Ze willen een efficiënter gerecht, dat in staat is alvast de achterstand weg te werken. Maar de profileringsdrang in de politieke wereld is blijkbaar belangrijker dan realistische oplossingen vinden op het terrein.

Alles wordt op een hoopje gegooid, van de problemen rond de hogeschool in Kuregem tot de kalasjnikovaanval in Laken. En daarover komt dan de dikke saus van de emoties. De verontwaardiging is groot omdat daders de dag nadien al weer op straat staan. De realiteit zegt: daders kunnen/moeten, in afwachting van hun berechting, niet allemaal in voorlopige hechtenis worden genomen. Maar dat ze geen straf zouden krijgen, is een leugen. Het probleem is dit: omdat de straf te lang op zich laat wachten, groeit het idee dat er straffeloosheid heerst. Het gebeurt meer dan eens dat jongeren die iets mispeuteren pas jaren nadien, wanneer ze al een gezin opbouwen, hun gevangenisstraf moeten uitzitten.

En die andere mirakeloplossing, de zero tolerance? Het lijkt wel een bezwering die wordt herhaald tot een veiligheidsroes intreedt. Maar werkt zero tolerance wel? In New York zou ze succes hebben gehad. Maar in dezelfde periode zakte in 17 van de 25 grootste steden in de VS de criminaliteit eveneens, zonder zero tolerance. Zero tolerance was dus duidelijk niet de doorslaggevende factor in dat verhaal...

Zero-uitsluiting
Wat dan wel gedaan? De sociologische studies wijzen uit dat criminaliteit samengaat met hoge (jongeren)werkloosheid. Een studie van Walgrave en Kesteloot toonde de sterke samenhang aan tussen jeugddelinquentie en falende schoolcarrières en probleemscholen. Criminaliteit is de repercussie van sociale misgroei. Vandaar dat net Kuregem en Molenbeek, met bijna 50% jeugdwerkloosheid, in het nieuws komen en dat de gemiddelde dader zelfs niet het middelbaar onderwijs heeft afgemaakt.

De crisis heeft de situatie versneld en verergerd. En de activeringspolitiek heeft z'n failliet bewezen: de groep waar die politiek zich op richtte, de langdurig werkloze jongeren, raakt in onze stad nog minder aan de bak dan vroeger. Logisch, want er is een wereld van verschil tussen het opleidingsniveau van de meeste jongeren en het vereiste opleidingsniveau om in onze stad een baan te vinden. Voor elke job voor laaggeschoolden zijn er twintig werkzoekenden. En intussen worden meer en meer werkloze jongeren op zijn minst tijdelijk geschorst. Ze vallen dan zonder enig inkomen omdat ook het OCMW hen elke steun ontzegt. De druk op hen om een oplossing te zoeken in de informele sector, wordt dan torenhoog.

Na de rellen twee jaar geleden aan Sint-Guido in Anderlecht, werden opleiding, tewerkstelling en sociale initiatieven vergeten in het lijstje van oplossingen. Vandaag gaan we dezelfde weg op: de grote trom van de repressie wordt geroerd en intussen worden besparingsrondes in onderwijs en sociale zekerheid voorbereid.

Welke keuze maken we? Die van het land van de zero tolerance? De socioloog Loïc Wacquant bekeek de sociale samenstelling van de Amerikaanse gevangenissen, die zich vullen met armen en met de meest kwetsbaren. Massaal werden er gevangenissen bijgebouwd en intussen bleef de criminaliteit heel hoog. In Amerika gaat zesmaal meer geld naar gevangenissen dan naar heel het hoger onderwijs.

Ik ben ontsteld over wat in Kuregem is gebeurd en ik wil als verantwoordelijke in de jeugdwerking mee zoeken naar oplossingen. Reële, praktische oplossingen. De eerste vraag is: hoe krijgen we onze jongeren in onze hogescholen? De vraag is niet: hoe zorgen we ervoor dat ze onze studenten niet lastigvallen? Onze jongeren hebben in Brussel één onderwijsbeleid nodig, in plaats van het oorlogje tussen het Nederlandstalige en het Franstalige net. We zijn pas op de goede weg als we de "zero-uitsluiting" realiseren: in het onderwijs, in de wereld van de arbeid, op de woonmarkt. Waar blijven de politici die er zich met hetzelfde gevoel voor hyperbolen over opwinden dat bijna duizend jongeren in Brussel niet naar school gaan?